‘Wijs op woensdag’: Wedden?


Om de week is Pennie Wijs te gast op Spaarcentje in de serie ‘Wijs op Woensdag’

Wedden?
Wij werden vroeger opgevoed met het idee dat wedden niet netjes was. En wedden om geld al helemaal niet. Dat werd je als kind ten strengste verboden. Dat dééd je gewoon niet. Mijn ervaring met het sluiten van weddenschappen was dan ook nihil toen ik naar de middelbare school ging.
Op een zonnige middag zaten we daar genoeglijk te soezebollen tijdens een les maatschappijleer. De leraar bromde voor het bord een monoloog over het belang van cultuur en dat we er allemaal mee in aanraking moesten komen. Dat er elementaire cultuurdingen waren die iedereen gewoon standaard moest weten. Zoals bijvoorbeeld het feit dat Beethovens negende symfonie onvoltooid was gebleven. Ter illustratie floot hij een deuntje.
– ‘Wat een domkop is het toch’, fluisterde ik tegen mijn vriendin die naast me in de bank hing. ‘Dit is van Schubert. En Beethoven heeft die negende al lang voltooid hoor.’
– ‘Wat zeg jij daar, Pennie?’ vroeg de maatschappijman geïnteresseerd.
– ‘Niks’, deed ik nukkig.
Maar mijn vriendin had wel zin in een verzetje.
– ‘Pennie zegt dat wat u floot van Schubert is. En die van Beethoven is gewoon af.’
– ‘Dat heeft Pennie dan mis’, glimlachte onze docent minzaam.
– ‘Ik weet het zeker’, geeuwde ik achter mijn hand.
– ‘Wát zegt ze?’ Hij klonk nu een beetje geïrriteerd. De klas ontwaakte, de belangstelling was gewekt.’
– ‘Ze weet het zeker’, tolkte mijn vriendin.
– ‘’t is Beethoven’, zei hij gedecideerd en hij floot zijn deuntje nog eens.
Berustend haalde ik mijn schouders op. En toen gebeurde het.
– ‘Wédden?’, vroeg hij uitdagend. Op dat toontje dat bij ons thuis verboden was. Net wilde ik gaan zeggen dat mijn moeder dat niet netjes vond, toen een jongen uit de raamrij zich ermee bemoeide.
– ‘Ja, wedden! En voor hoeveel dan?’
– ‘Vijfentwintig gulden’. Hij hoefde er geen tel over na te denken.
– ‘Nee’, zei de jongen. ‘Dat is voor Pennie misschien wel het geld voor een hele maand. En voor u is dat niks. Het moet zijn uw maandsalaris tegen haar zakgeld.’
– ‘Ja, da’s waar, dan is het pas eerlijk’,  vond mijn vriendin,  ‘hoeveel verdient u eigenlijk?’
Toen begon de hele klas door elkaar te roepen wat schappelijke bedragen zouden zijn voor een weddenschap, wat veel en wat weinig zakgeld was en er werden inschattingen gedaan over de hoogte van docentensalarissen in het algemeen en die van de maatschappijleraar in het bijzonder. Het eind van het liedje was echter dat hij gewoon voor vijfentwintig gulden wilde wedden en niet anders. En om me schappelijk te behandelen, wilde hij dan nog eens nadrukkelijk waarschuwen dat hij honderd procent zeker was van zijn zaak.
Om misverstanden te voorkomen vroeg ik of hij het melodietje nog een paar keer wilde fluiten, zodat iedereen het goed in zijn oren kon knopen. Dat deed hij maar al te graag; op het laatst neuriede iedereen gezellig mee. Dat had onze muziekleraar nog nooit voor elkaar gekregen! Goed dan. We bekrachtigden onze weddenschap met een handdruk.
Tijdens de geschiedenisles erna zat ik net te piekeren hoe ik mijn gelijk moest gaan bewijzen – cassettebandje meenemen? – toen de deur zonder kloppen werd opengegooid en de maatschappijleraar met een rode kop naar binnen stormde. Met zijn ene hand maakte hij een sorry-gebaar naar de verbaasde geschiedenisleraar, met de andere wurmde hij zijn portemonnee uit zijn binnenzak. Hij liep dwars door de klas, stopte voor mijn bank, en haalde met veel geritsel een bankbiljet van vijfentwintig gulden tevoorschijn.
– ‘Ik weet het al. Ik heb me vergist! Jij had gelijk. Alsjeblieft.’ En weg was hij weer.
De geschiedenisleraar wilde nu wel graag eventjes weten wat dit allemaal te betekenen had. Een wéddenschap? Tussen een leraar en een leerling? Onder schóóltijd? Om géld? Wat kregen we nou? De jongen uit de raamrij suste de boel en legde uit dat het slechts om een cultuurdingetje ging dat iedereen gewoon wel wist. De klas zong het deuntje.
– ‘Schubert’, zei de leraar, ‘de achtste.’
– ‘Dat zei ik dus’, mompelde ik.
– ‘Wat zeg je Pennie?’
– ‘Ze zegt niks’, zei mijn vriendin.
Heb je ook wel eens gewed om geld?
Advertenties

16 gedachtes over “‘Wijs op woensdag’: Wedden?

  1. hahaha wat een leuk verhaal op de vroeger woensdagmorgen.
    Mijn zoon was gisteren ook al zo'n slimmerik.
    Hij zou 5 euro krijgen als hij iemand deed pootje lappen. Zoiets zit niet in mijn zoon, maar voor het krijgen van geld staat hij natuurlijk open. Hij naar de jongen. Als je doet alsof je valt krijg je van mij 1 euro.
    Nou zei die jongen, graag en viel. Zo, kassa, 4 euro verdiend.
    Ik heb mijn zoon wel verteld dat zoiets niet kan want de volgende keer wordt hij voor iets anders voor het karretje gespannen.

    Like

  2. Hoi Pennie,
    Geweldig wat kan jij met woorden schilderen en meteen een bepaalde sfeer neerzetten!!Nooit aan gedacht om schrijfster te worden? Dat worden meteen bestsellers,wedden??
    Gr. Ria

    Like

  3. Om geld thuis niet,nog nooit ook elders. Werd er gewed bij ons thuis dan werd er gewed om een pakje lucifers….. (ach ja er moet dan toch iets tegenover staan al kan je je dan ook afvragen wat je er als kind mee moet).
    Het verhaal vind ik eigenlijk wel komisch…….
    Gr pdepooh

    Like

  4. Wat een ontzettend leuk stukje zeg. Heb weleens met mijn baas gewed om 10 gulden, het ging om de naam van een liedje. Ik heb gewonnen en ook het geld gekregen. Maar ik vond het “gelijk hebben” nog veel leuker dan het geld eerlijk gezegd.
    Klaartje

    Like

  5. Leuk stukje! Ik heb wel eens gewed, om bijv een fles wijn of een etentje (met mijn vriend) of een kus. Maar we namen de beloning niet al te serieus, het ging er meer om wie er gelijk had.
    Mariska

    Like

  6. Je kan geweldig schrijven, en met een glimlach heb ik het zitten lezen, en met een nog grotere grijns het later zitten voorlezen aan de gehele familie 😉
    Hier is wedden ook niet de gewoonte.. zoals je schrijft.. op een of andere manier dóé je dat gewoon niet. Heerlijk hoor, ik kijk uit naar volgende week woensdag!

    Groetjes

    Like

  7. Wat is er eigenlijk tegen wedden? Ik heb ook geleerd dat het niet netjes was, maar zolang het gaat om een reep chocola of om de rekening van een etentje waar je beide lol van hebt zie ik het probleem eigenlijk niet zo.
    Je verhaal net voorgelezen aan mijn vriend. We zaten beiden hardop te grinniken!

    Like

  8. Ik denk inderdaad dat ouders vooral bang waren/zijn voor weddenschappen met een grote inzet en dan met name om geld. In de klas voelde iedereen ook wel aan dat er iets 'op het randje' gebeurde. Behalve dat mijn klasgenoten het leuk vonden dat een leraar in het ongelijk gesteld werd, waren er ook een paar die vonden dat ik het geld niet had mogen aanpakken. Er ontstond toen weer een hele discussie of de docent mijn geld aangepakt zou hebben (volgens de meesten wel) en of dat netjes geweest zou zijn van een volwassene, het volledige maandgeld van een puber in zijn zak steken (volgens de meesten niet).
    Van het geld heb ik mijn klasgenoten getrakteerd op amandelbroodjes. Degenen die vonden dat ik het geld niet had mogen aanpakken, namen wél een amandelbroodje…

    groeten van Pennie

    Like

Zeg het maar!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s