Wijs op woensdag: Museumbespaartip

Elke twee weken schrijft Pennie Wijs een gastblog.

Museumbespaartip
Gaan jullie wel eens naar een museum? Wij wel. Het kost wat, maar dan heb je ook wat. Tenminste, als je naar het Rijksmuseum in Amsterdam gaat. Want dat is mooi geworden zeg! Bespaar nou maar niet op het toegangskaartje, want je kunt er gerust de hele dag zoet zijn. Ben en ik bezochten het museum onlangs voor de eerste keer na de heropening en wij schuifelden verbouwereerd van bewondering door de eregalerij, al zuchtend van ah en oh en tjonge en jonge…
Maar hoe gaat zoiets? ’s Morgens vroeg huppel je nog fris en fruitig langs de Nachtwacht – die trouwens bewaakt werd door twee bodyguard-achtige types die met borende blik eventuele aanvechtingen van het publiek tot het verder inkleuren met viltstift van dit meesterwerk in de kiem smoorden. Maar na enkele uurtjes Frans Halzen en Jan Stenen, raakt je hoofd vol en je maag leeg. Je daalt uit de hemel van de schone kunsten weer neer op aarde en je hebt nog maar één wens: gewoon even zitten en wat eten.
Nu is dat in de meeste musea geen probleem. Of je in een historisch keuterboerderijtje ergens achter in Twente bent of in de statige Hermitage in de hoofdstad, er is altijd een plek waar je even rustig kunt gaan zitten, bedachtzaam kauwend op een krentewigge of een broodje kaas en op de indrukken die je net hebt opgedaan. Ondertussen kun je dan gezellig je museumpartner deelgenoot maken van je kunsthistorische overpeinzingen.
Zo niet in het Rijksmuseum. Toen we daar de ingang van het cafetaria naderden, werden we via een bordje gesommeerd om ter plekke te wachten. Dat deden we braaf. Er kwam een personeelslid op ons af, die ons meedeelde dat we dáár, aan dát tafeltje, nee réchts van die mijnheer met de blauwe trui, dat we dáár moesten gaan zitten. Dat deden we ook braaf. De mijnheer met de blauwe trui was er samen met zijn echtgenote eveneens net geparkeerd en we keken elkaar wat beteuterd aan. We voelden ons kleuters in een klas, door de juf naar onze plaats gedirigeerd, dicht op elkaar gepakt aan een smal tafeltje.
Aan de andere kant schoven ook al mensen aan en daar zaten we dan op een rijtje, op keiharde stoeltjes in een soort echoput van oorverdovende geraas van rinkelend serviesgoed en mensen die luidkeels met elkaar probeerden te converseren, al dan niet via hun telefoon. Tussen de tafeltjes rende het personeel opgejaagd heen en weer en op een gegeven moment kregen we een kaart aangereikt.
Nu ben ik al snel tevreden met een simpele krentenbol of een broodje kaas en mijn echtgenoot kun je gerust een alleseter noemen, die doet echt nergens moeilijk over. Dus het was best vreemd dat we moeilijk een keus konden maken. In de eerste plaats was er niet veel te kiezen. En in de tweede plaats was er niet wat we wensten. We wilden helemaal geen dure salade of ingewikkelde proeverijen. Maar goed, na enig wikken en wegen besloot ik dat ‘landbrood met Old Amsterdam’ nog het best een broodje kaas benaderde (de Hollandse versie van stevig ‘pain de campagne’ immers?) en Ben dacht dat zoiets met beenham vast het equivalent van een broodje ham zou kunnen zijn.
Nou, dat hadden we dus mis. We kregen een bescheiden flubbertje brood met daarop een enorme berg kaas, c.q. ham. Het was nogal pittig, om niet te zeggen brijnzout, dus we wilden er graag een slokje bij drinken. Maar dat ging zomaar niet. ‘Nee, dat komt van een andere afdeling’, werd ons gezegd toen we meldden dat dit nog maar onze halve bestelling was. En na een poosje wachten en nog eens vragen: ‘Mijn collega komt heus zo bij u’. En dat wás ook zo. Na enige tijd. Toen kreeg ik mijn glas karnemelk. Lekker. En Ben zijn thee. Niet lekker, want koud. Voordat jullie gaan denken, nou zeg, die Pennie is eigenlijk ook maar een zeikwijffie, helemaal geen vrouw van de wereld, vertel ik er even bij dat de blauwe trui en echtgenote er net zo beteuterd bij zaten als wij. Die hadden samen een enorme berg vleeswaren en ieder één minikadetje. ‘Terwijl brood toch niet veel kost, daar hoeven ze toch niet op te beknibbelen?’ hoorde ik hem mompelen.
Wat dit hapje ons kostte, wil je niet weten. Of misschien wil je het juist wél weten, maar ik kan het je niet meer vertellen, want ik heb het verdrongen. Sommige dingen kan ik psychisch niet aan, dan wordt het mentaal teveel voor me. Ik ben niet op de cent, ik durf ze gerust te laten rollen, maar dan wil ik er wel van genieten. Of tenminste gewoon waar voor mijn geld hebben. Het gevoel dat je in het ootje wordt genomen waar je bij staat/zit, daar kan ik me altijd moeilijk overheen zetten. De blauwe trui had er minder moeite mee. ‘Nou ja, Amsterdam hè?’ knipoogde hij relativerend. ‘Hier kun je alles verwachten.’ En zo was het maar net. Ik zag onszelf zitten. Samen gezellig een dagje uit. In het hartje van een wereldstad. In een topmuseum. Van wereldklasse. Met knorrende maag, tuitende oren en gekneusde billen.
Dus hier volgt speciaal voor jullie mijn museumbespaartip: als je naar het Rijksmuseum gaat, neem dan gewoon een paar boterhammen en een krentenbol mee. Daar kun je dan in de toegangshal of buiten even rustig van genieten. Oerhollands en nogal burgerlijk, dat geef ik meteen toe. Maar geloof me, ze vragen er om. Wel gáán hoor. Verder was alles er pico-bello in orde.

Neem jij als je op stap gaat altijd een lunchpakket mee of ben je een trouwe klant van de horeca?
Advertenties

22 gedachtes over “Wijs op woensdag: Museumbespaartip

  1. Wij nemen (bijna) altijd iets te eten mee. En een fles water. Ik erger me groen en geel aan de horeca prijzen van tegenwoordig. En alle frutsel en mutsgerechten. Dus om stress te vermijden vermijd ik die “leuke” gelegenheden het liefst. Enig verhaal trouwens! groet, Hanneke

    Like

  2. Je zeurt niet hoor. Had bijna dezelfde ervaring, maar omdat ik te ongeduldig was om meer dan een half uur te wachten op zo'n rottig tafeltje, besloot ik die ene boterham die ik nog in m'n tas had zitten op te eten. Op zoek naar een plek waar ik dat een beetje stiekem naar binnen kon proppen, stuitte ik in de toegangshal op diverse andere mensen die er blijkbaar al rekening mee hielden en al wisten dat het Rijks geen fatsoenlijke eetgelegenheid heeft. Vervolgens nog even naar het toilet om uit zo'n automatisch kraantje wat water te nemen en ik kon weer verder… Een gemiste kans: als er geen of minder wachttijd zou zijn en er iets eenvoudiger eten voor 'iets' lagere prijzen geboden werden, dan zou dat toch een welkome aanvulling van het inkomen van dit fantastische museum kunnen zijn. Ik vond het een gênante vertoning.

    Like

  3. Als je naar het rijksmuseum gaat ga vooral niet met een rolstoel want de liften zijn eigenlijk te krap voor een rolstoel en een begeleider. Let ook op in het atrium, dus als je binnen komt want die is vals plat en spiegel glad als het een beetje geregend heeft. De hellingbaan om bij de lift te komen dus ook! De garderobe is nog wel eens overvol en dan mag je een half uur wachten om je jas in te leveren en dezelfde tijd om je jas weer terug te halen.
    In de ruimte achter de nachtwacht is een 'traplift' met een enorm zware deur, staat je rolstoel er eindelijk in, want zelf kun je die deur wegens het gewicht van de veer eigenlijk niet open maken, kom je er achter dat er een sleutel voor nodig is. Jammer is alleen dat niemand van het personeel weet wie die heeft. Terwijl je juist vanuit die ruimte een prachtig zicht heb op de museumtuin en het museumplein.

    Het restaurant, dat op dukke dagen idd veel te klein is, is niet bereikbaar met een rolstoel en begeleider. Ik kon de rolstoel er wel in kwijt, maar kon dan niet meer op de knop drukken om in elk geval mijn client naar boven te laten gaan. Ze hebben er wel speciale rolstoelplaatsen overigens, maar wat heb je er aan als je er niet bij kunt.

    Echte vele gemiste kansen bij die veel te duur uit gevallen verbouwing. Neem dan de herbouw van station Rotterdam gewoon bijna 20 miljoen! binnen budget op een budget van 300, dat is goed management.

    Like

  4. Wat toevallig. Wij zijn afgelopen zondag naar het Rijksmuseum geweest. En ja die knorrende maag was wat. Toen wij om drie uur een versnapering wilde, hield de rij ons tegen. Ergens beneden in een koffiecorner zonder stoelen, BIZAR, hadden we samen een stroopwafel genomen. Dus die lekkernij met koffie was het enige wat we heel de dag ophadden. Eenmaal buiten zagen we de gele M, en hebben samen even een frietje genomen om de reis naar huis te kunnen nemen zonder flauw te vallen. Ik weet wel het museum is geen horeca gelegenheid maar zeker voor de toeristen, die toch bijna het merendeel uitmaken van de toeschouwers is dit een gemiste kans.

    Like

  5. Het is alweer een poosje geleden dat we bij het Rijksmuseum waren maar ik kan me dat landbrood nog wel herinneren, haha. Overigens wisselt het per keer of we brood meenemen. Dit is afhankelijk van hoe lang we in de trein moeten zitten, hoe laat we thuis zijn enz. Overigens als we broodjes meenemen maken we er wel altijd iets lekkers van zoals bijvoorbeeld croissantjes met brie en honing, waldkorn met beenham en zongedroogde tomaatjes enz. zodat we niet in de verleiding komen ons brood weg te gooien en alsnog op een terras te gaan zitten.

    Like

  6. Wij gaan regelmatig naar musea, we hebben 'n museumjaarkaart, maar blijven er meestal niet langer dan 2 1/2 tot 3 uur. Dan ben ik (geestelijk) verzadigd en toe aan frisse lucht en benen strekken 🙂 Dus ik eet maar zelden iets in het museum zelf.
    Het Drents Museum in Assen is een uitzondering voor mij, daar wil ik altijd lunchen!

    Like

  7. Toen wij in de kerstvakantie een dagje Rijksmuseum deden met de kids vond ik dat restaurant ook echt een aanfluiting. Nu zijn wij in het zuiden wel verwend met goede en nog betaalbare horeca, dus ik dacht al dat het aan mij lag. Maar nu denk ik dat dus niet meer…..
    Toen we weer buiten stonden zijn we binnengedoken bij een of andere schimmig coffee-shopje (nee, niet zo een…..zo wereldvreemd zijn we nu ook weer niet), waar een beetje vreemde Amsterdammer ons kon voorzien van heerlijke broodjes. Ach, we hebben er maar om gelachen over dat protserige museum-restaurant. Maar ik zal er geen cent meer uitgeven.

    Like

  8. Smakelijk 😉 verhaal weer! Wij zijn er nog niet geweest, we nemen meestal zelf iets te eten mee en zullen dit na jou ervaring (en anderen)
    dan ook burgerlijk braaf doen!

    Groet, Johanna

    Like

  9. Je mag met je kaartje meerdere keren het museum in en uit. Op een zonnige dag zou je ook op het museumplein kunnen picknicken of elders iets eten. Wel twee keer in de rij voor de garderobe. Groetjes Em.

    Like

  10. Ik ga altijd met vriendin, museumjaarkaart en een goedkoop treinkaartje heel NL door naar musea en we eten of drinken NOOIT in de cafetaria bij de musea. Ze zijn over het algemeen duur en vreselijk ongezellig. Inderdaad een fles water in de tas, eventueel wat fruit of wat te knabbelen. En als we lekker wat willen eten dan zoeken we wel een leuk eetcafeetje op. Of een kroegje voor een biertje. Daar heb je er in Amsterdam meer dan genoeg van!

    Like

  11. Ik houd zo van die kleine musea, ik tref heel vaak een vrijwilliger of medewerker die na één vraag losbrandt en helemaal enthousiast van alles vertelt. Gelukkig zijn daar nog genoeg van dus ik hoef nog niet naar die grote musea toe.

    Groet,Greet

    Like

  12. De lekkerste lunch voor mij is in museum De Pont in Tilburg. Klein soepje, heerlijk belegd broodje en niet duur. Verder ook een zeer interessant museum met vaak zeer mooie exposities. Moderne kunst . Met mijn museum jaarkaart en voordeel uren kaart reis ik het hele land door. Ik kan inmiddels een complete gids over de voorzieningen in de nederlandse musea schrijven.!

    Like

  13. we gaan nog niet echt naar musea. heb er zelf (nog?) niets mee en de kids nog net te klein en te veel energie. als ze iets ouder zijn, wel naar leuke musea waar ze veel dingen voor dekids hebben, maar nog niet de musea waar je alleen kan kijken, denk dat dat niet gaat werken 😉 wat betreft lunch etc.. we nemen vaak wel eigen eten mee, omdat we anders gewoon belachelijk veel geld kwijtzijn voor ons 4, en kids eten wanneer het hun uitkomt, en vaak net geen honger als je gaat zitten maar dan 5 minuten er na wel 😉 dus liever zelf mee. en evt als we echt trek hebben in bepaald iets, kunnen we het altijd nog kopen, maar dan gewoon omdat we het willen en niet omdat we niets mee hebben en dus wel moeten.. 😉 bevalt erg goed om het zo te doen.

    Like

  14. Dat ben ik met je eens Greet. Hulde aan alle museumvrijwilligers! Hoewel je ze soms moeilijk van je af kunt schudden als je eens eventjes alleen wilt rondkijken…

    Pennie

    Like

  15. een kopje koffie en wellicht een broodje of een plak koek dat nemen we in musea meer niet, de rest doen we wel in de buurt er van in een normale horeca gelegenheid. Het Rijks willen we wel weer een keer heen, maar ik loop de AH dus wel even in voor we gaan denk ik maar zo. Twee horeca gelegenheden sprongen er wel uit trouwen qua positief. De prijzen waren normale horeca prijzen maar de zit gelegenheden en keuzes waren prima net als de smaak en bediening, het Limburgsmuseum in Venlo en Gevangenismuseum te Veenhuizen (drenthe). Misschien nog en leuke bespaartip maak gebruik van het museumweekend! Even Googlen en je vind de site wel voor de data in april. Je kan in dat weekend naar de musea die meedoen en op de site staan gratis of voor E.1.=. Zo komen wij elk jaar in een leuk museum waar extra dingen te doen zijn en kan die bak koffie er ook nog vanaf
    Als we uitgaan naar pretparken e.d. nemen we trouwens ook zelf eten, drinken en snoepjes enzo mee. Hooguit dat er dan een keer ijsje gekocht wordt maar daar blijft het bij.
    Gr Petradepooh

    Like

  16. Een schril contrast met hoe het in het Gemeentemuseum in Den Haag gaat. Daar kun je prima eten. Ja, het kost wel wat, al valt dat nog mee vergeleken met het Rijksmuseum. Maar daarvoor zit je dan ook relaxed en krijgt gewoon echt iets lekkers. En als je het net iets anders wilt (glutenvrij brood bijvoorbeeld!) geen enkel probleem.
    Los daarvan is het bespaartechnisch natuurlijk veel voordeliger om wat mee te nemen. Maar als het eten onderdeel van het uitje is, dan moet het wel de moeite waard zijn 🙂

    Like

  17. Als Amsterdamse erger ik mij al tijden aan IAmsterdam. Amsterdam wil een heel sterk marketingmerk zijn ten opzichte van andere grote Europese steden met als doel zo veel mogelijk geld binnen te halen voor de horeca e.a. Voordeel van het wonen in Amsterdam met een museumjaarkaart kan je gewoon met iemand afspreken om een uurtje door het museum te lopen, zonder in een horeca'trap' te lopen. Dit heb ik tot nu toe niet gedaan omdat ik heb gewacht op rustiger tijden. Voor mensen buiten Amsterdam vind ik het sneu dat ze zo worden
    opgelicht. Over de Hermitage waren er ook nogal wat klachten, meestal drink ik alleen een kopje koffie .

    Like

Zeg het maar!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s