Recensie: Je bent wat je doet

Als iemand in de zaal kampioen veranderen is, dan ben ik het wel! Gedrag waar ik last van heb, kan ik enorm goed aanpakken. Voor het gemak maak ik dan meteen even een schemaatje waarin ik op papier toe werk naar de verbeterde versie van mezelf, die niet meer snoept, uitstelt, te veel internet en verzin het maar. Einddatumpje prikken en gááááán.

Ja, en dan? Ik heb een deel van het veranderen van ongewenst gedrag inmiddels na veel vallen en opstaan redelijk goed door. Kleine stappen werken beter dan grote stappen. En je moet zo concreet mogelijk zijn in wát je wilt veranderen en hoe je het gaat veranderen. Maar verder? Gezondheidsgoeroe Jesse van der Velde zegt altijd: ‘als je altijd eet wat je at, krijg je het lichaam dat je altijd al had’.

Deze spreuk kun je doortrekken naar alle gebieden van het leven. Weten is één ding, doen is een ander ding en blijven doen lijkt soms helemaal onmogelijk. Altijd doen wat je deed, dat is paardrijden over een pad zonder dat jij de teugels in handen hebt, schrijft hoogleraar sociale psychologie Roos Vonk in haar boek ‘Je bent wat je doet. Van zelfkennis naar gedragsverandering‘. In haar boek legt ze uit hoe dit komt en belangrijker nog, wat je eraan kunt doen. Het geeft inzicht in onze plannen, ons gesjoemel en ons falen en biedt met behulp van praktische oefeningen aan het eind van elk hoofdstuk de middelen om nu eindelijk eens uit je valkuilen te ontsnappen.

Echt veranderen is heel moeilijk want om dat te doen moet je iets doen wat je vaak heel moeilijk vindt: stoppen met iets wat je prettig vindt of wat je denkt nodig te hebben (eten, alcohol, een partner die niet goed voor je is), dus stellen we het uit of haken halverwege onze veranderpoging af. Om het een tijd later weer te proberen: nu gaat het echt lukken. Denkend dat het aan onze motivatie ligt. Er is echter meer voor nodig om te veranderen, de omstandigheden spelen zo mogelijk een nog grotere rol.

We zoeken voortdurend naar middelen om onszelf te kunnen sturen – de teugels zelf in handen te nemen – maar bijna altijd zijn impulsen sterker dan intenties. Want intenties werken toe naar een resultaat in de toekomst en impulsen zorgen voor een snellere bevrediging, iets wat de kleuter in ons veel prettiger vindt. Bovendien hoeven we niet van de gebaande paden af te wijken als we onze impulsen blijven volgen. Je denkt dat je een keus maakt – ik wil nu echt even tv kijken want ik ben moe en heb recht op ontspanning – maar eigenlijk is het een smoes die je verder weg brengt van de waarden die jij belangrijk vindt in het leven.

Die waarden, wat zijn deze? Vonk moedigt je aan daarover na te denken en ze op te schrijven. We vergeten vaak deze waarden en praten dat continu goed en zijn geweldig in zelfbedrog. Later in het boek komt terug wat de kracht ervan kan zijn. Op moeilijke momenten jezelf aan deze waarden te herinneren kan helpen om impulsen te onderdrukken. Door doelen te koppelen aan waarden.  In balans zijn is belangrijk voor mij. Daar hoort ook een gezonde financiële huishouding bij. Bijvoorbeeld een elastiek om mijn portemonnee doen, kan helpen mijn doel ‘beter met geld omgaan’ op mijn netvlies te zetten, nét als ik in de winkel die portemonnee wil trekken om toch iets te kopen omdat ik dat op dat moment wil. Dat elastiek herinnert me ook aan de balans die belangrijk is voor mij. Dit is trouwens maar even zomaar een voorbeeld want ik héb helemaal geen elastiek om mijn portemonnee, ik ben Annemiek van Deursen niet ;-).

Het zelfbedrog heeft veel te maken met hoe we naar onszelf kijken. Een ander ziet onze platte buitenkant en beoordeelt ons op wat we doen. Zelf zien wij ook wat onze intenties en plannen zijn en we beoordelen onszelf niet alleen op wat we doen maar ook op wat we van plan zijn. Dat geeft een vertekend beeld. Om echt inzicht te krijgen moet je eigenlijk leren kijken naar jezelf zoals anderen je zien. ‘Waar het om gaat is dat je leert kijken naar je gedrag, naar wat je doet, precies zoals je dat ook doet wanneer je naar anderen kijkt ‘(p.50).

Dat vertekende beeld maakt dat we niet realistisch genoeg zijn als we willen veranderen. ‘ik wil voor de zomer € 500 bespaard hebben op mijn boodschappenuitgaven’ is een prachtig doel maar heeft meer kans van slagen als ik vooraf onderzoek of het haalbaar is en welke tegenslagen ik kan verwachten. Dit wordt ‘mental contrasting’ genoemd. Je benoemt een doel en omschrijft wat het halen van het doel je zal opleveren (in dit geval bijvoorbeeld geld, wat ik nodig heb om iets te kunnen betalen) maar ook hoe het zal voelen als je het doel hebt gehaald. Vervolgens stap je van je roze wolk af en zoom je in op welke hindernissen je kunt tegenkomen. Bijvoorbeeld eigenschappen en gewoontes van jezelf maar ook hindernissen van buitenaf. Maakt dat in gedachten zo concreet mogelijk en stel je voor hoe dat voelt.

Wat Vonk ons hier leert is je voornemens op haalbaarheid te onderzoeken. Later voegt ze daar ook instrumenten aan toe om te zorgen dat je de haalbaarheid vergroot, namelijk wat je kunt doen om te zorgen dat een hindernis niet het plan verstoort. Vooraf over mogelijke bezwaren of hindernissen nadenken en hoe je deze kunt ontkrachten, zorgt er voor dat je niet overvallen wordt op het moment zelf.

Dat is leuk en aardig, maar uiteindelijk moet je dus gaan doen. Gewoon doen, zoals ze zelf meerdere keren schrijft. Die eerste stap kan niemand voor je zetten. Maar hoe vaker je zelf die stap zet, hoe breder het nog ongebaande pad wordt. Inzicht in waarom je vaak terugvalt in gedrag, kan misschien ook voorkomen dát je terugvalt, ook hier gaat ze uitvoerig op in. De tweede helft van het boek gaat vooral in op het ‘doen’ en hoe je je intenties kunt versterken en volhouden, bijvoorbeeld door je omgeving zo aan te passen dat volhouden makkelijker wordt. Door te beseffen dat wilskracht alleen niet voldoende is. Dat je beseft dat anderen (marketeers uit de voedingsindustrie bijvoorbeeld) er jarenlang voor hebben gestudeerd om jou van je doel af te houden. Anticiperen op toekomstige situaties en plannen maken om hoe je die problemen kunt aanpakken vergroot de kans op veranderen.

Het boek is makkelijk leesbaar en verbindt op prettige wijze wetenschappelijk inzicht in het menselijk brein en gedrag met herkenbare voorbeelden uit het dagelijks leven. Vonk spaart zichzelf daarbij niet en gebruikt ook aspecten van haar eigen gedrag of haar oude valkuilen in het liefdesleven. Ik vond het leuk en boeiend om te lezen en vind dat het boek bijzonder bruikbaar is om naar je eigen gedrag te kijken en belangrijker nog, dit te veranderen.

Met één aspect heb ik moeite in dit boek en dat is hoe Vonk schrijft over ‘doen’ als middel om je uit depressiviteit te trekken. Geloof me, ‘gewoon doen’ werkt niet zomaar. Natuurlijk hebben depressieve mensen vaak baat bij beweging en er toch op uitgaan, maar dat kan niet altijd. ‘Wees actief, plan activiteiten in en voer ze uit‘ schrijft ze onder het kopje Doen en gelukkiger worden. ‘Dit is vooral belangrijke voor depressieve, sombere mensen, die te veel geneigd zijn thuis te blijven. Daardoor blijven ze passief en ontmoeten ze minder andere mensen, wat de depressie versterkt‘ (p 181). Volgens mij is er een wereld van verschil tussen ‘somber’ en ‘depressief’! Inderdaad kun je uit een sombere bui worden getrokken door mensen op te zoeken en leuke dingen te doen. Een depressie verdwijnt daar niet mee! Sterker nog, die kan erger worden als je in een kamer vol met feestende gezellig met elkaar pratende mensen zit en jij niet in staat bent tot enig contact, omdat je last hebt van dat verlammende verstikkende gevoel dat depressie heet. En ook één op één contact kan een brug te ver zijn- of je gevoel versterken –  als je depressief bent. Ik heb ooit een depressie gehad en ben dus helaas een ervaringsdeskundige.

Ik denk dat het voorbeeld van depressie in dit verband gewoon iets minder goed gekozen is. Mensen met een depressie – of een andere op het gedrag ingrijpende gediagnosticeerde aandoening – hebben in mijn beleving baat bij een therapie op maat. Maar ben jij iemand die wil stoppen met roken en snoepen, die gezonder wil eten, je huis schoon wil houden, afspraken nu eens echt wil nakomen, meer wil slapen, liever wil zijn tegen je kinderen, afijn noem maar op….dan is dit een leuk, interessant en vooral bruikbaar boek. Het is bovendien zeer geschikt voor die mensen die alle smoesjes van zichzelf echt zat zijn en nu wel eens spijkers met koppen willen slaan. Zo ben ik ook weer begonnen met gezonder eten. Maar nu heb ik tactieken bedacht om mijn valkuilen voor te zijn! Veranderen kan echt! Niet alleen met wilskracht en goede voornemens maar vooral met realiteitsbesef, zelfonderzoek en een stukje Roos Vonk.

In het boek wordt regelmatig verwezen naar de tegelijkertijd verschenen website jebentwatjedoet, die ook een schat aan informatie biedt.

Roos Vonk 
Je bent wat je doet. Van zelfkennis naar gedragsverandering
isbn  9789491845017 /  € 18,50
Maven Publishing

Advertenties

6 gedachtes over “Recensie: Je bent wat je doet

  1. Leuk om te lezen! Ik ga er eens naar kijken in de bieb. Het stukje over depressiviteit ben ik het volledig met je eens! Een depressie is heel heftig en gaat niet zomaar over door bv contacten met mensen te zoeken.

    Like

  2. Voor mij is ook belangrijk om vriendelijk te zijn voor je zelf. En als je terugvalt in de oude groef,,gewoon zonder al te veel zelfkritiek weer opnieuw gaan doen. Al is het voor de zoveelste keer.

    Like

  3. Dit boek leerde me hoezeer je beperkt kan worden door je vooroordelen. Zo dacht ik dat een wetenschapper die in het wilde weg kon concluderen dat het denken aan vlees eten hufterig gedrag veroorzaakt en die een minister in het openbaar uitschold als een viswijf nooit een boek zou kunnen schrijven dat de moeite waard is. Dat had ik mis. Dit is een heel toegankelijk, lezenswaardig boek!

    Pennie Wijs

    Like

  4. De vicieuze cirkel

    Als ik blijf kijken zoals ik altijd heb gekeken,
    blijf ik denken zoals ik altijd heb gedacht.

    Als ik blijf denken zoals ik altijd heb gedacht,
    blijf ik geloven zoals ik altijd heb geloofd.

    Als ik blijf geloven zoals ik altijd heb geloofd,
    blijf ik doen wat ik altijd heb gedaan.

    Als ik blijf doen wat ik altijd heb gedaan,
    blijft mij overkomen, wat mij altijd overkomt.

    Maar als ik nu mijn ogen sluit
    en mijn ware zelf voel van binnen
    dan kom ik deze cirkel uit
    en kan ik steeds opnieuw beginnen.

    (schrijver onbekend)

    Like

  5. De verwarring rond depressief komt misschien ook omdat depressief 'in de volksmond' gebruikt voor wat medici een depressie noemen. En depressie gaat niet over door actief te zijn. Als je depressief bent helpt het uiteindelijk wel. Tenminste, dat is hoe ik het ooit geleerd heb.

    Like

Zeg het maar!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s