Wat was, is niet meer. Een nieuwe werkelijkheid.

De laatste tijd zijn er wat mensen in mijn omgeving in inkomen naar beneden gedonderd. Ontslagen, gescheiden, wat pech gehad, het komt allemaal voor. En ook nu valt me weer op dat de grootste stress soms komt van uitgaven die niet maandelijks terugkomen.

Wie ontslagen wordt, gaat er eens even goed voor zitten. De vaste lasten worden bekeken en indien mogelijk naar beneden bijgesteld. Boodschappen worden wat soberder of in andere winkels gedaan en grote uitgaven worden uitgesteld. En dan is er een kind jarig of wordt oma 80 of gaat je beste vriendin trouwen. Je voelt je wat ongemakkelijk want jij kunt niet meer als andere jaren zo makkelijk je portemonnee trekken. Doe dat dus dan ook niet. Maar hoe pak je dat aan? Je kind heeft misschien verwachtingen, en je familie ook

De snelste en makkelijkste manier is je omgeving duidelijk maken dat wat was, niet meer is. Gewoon zo snel mogelijk eerlijk zijn. Wij waren dat ook toen ik een paar jaar geleden mijn baan verloor en het verbaasde me hoe makkelijk iedereen reageerde. Niemand, werkelijk niemand deed moeilijk. En laten we wel zijn, als het gezellig is op een verjaardag heeft echt heus niemand door of jij hebt bezuinigd op de hapjes. Zijn mensen gewend dat iedereen kan blijven eten als er bij jou thuis een verjaardag wordt gevierd? Doe dat nu ook, maar haal nu geen Chinees/patat of dure hapjes in huis. Gewoon een grote pan pasta met bolognese saus of een grote pan soep met wat stokbrood erbij, scheelt hartstikke veel geld. Bak zelf een taart in plaats van duur gebak te kopen. En durf te vragen. Ben jij geen bakwonder? Vraag dan aan je vriendin die dat wel is, om in plaats van een cadeau een lekker taartje te bakken.

Verwachtingen van anderen zijn vaak gebaseerd op eerder gedrag van jou. Verander je gedrag en de verwachtingen worden bijgesteld. Wat was, is niet meer. Nu is het minder. Maar minder is niet erg. Minder is gewoon anders dan voorheen. Daar wen je snel genoeg aan en anderen ook.

Advertenties

Betere tijden?

Onlangs kwam er bij ons in de straat een huis te koop te staan. Binnen een paar weken werd het verkocht. Zou het? denk ik dan… want ook ik lees positieve berichten. De werkloosheid is gedaald: er zijn 11.000 werklozen minder in de maand oktober op de in totaal 674.000 werklozen (bron: CBS). Ook zou het consumentenvertrouwen stijgen volgens de Volkskrant van 21 november jl.

Dat alles relatief is, blijkt een paar dagen later als een substantieel deel van de gedaalde werkloosheid deels schijnt te worden veroorzaakt doordat mensen eieren voor hun geld kiezen en weer gaan studeren en dus niet meer als werkzoekend zijn geregistreerd. En consumentenvertrouwen wat is dat nu eigenlijk? Kort gezegd: de bereidheid om binnen afzienbare tijd iets nieuws te kopen, en dan vooral grotere aankopen bijvoorbeeld voor het huis of een andere auto. Dit vertrouwen stijgt als er een tijdje wat minder naar economisch nieuws is. Dat bleef inderdaad uit. We lazen over herstellende markten en een begrotingsakkoord. Dat geeft blijkbaar vertrouwen.

Dat is vertrouwen gebaseerd op externe factoren. “De economie” trekt aan, de werkloosheid daalt en dus kunnen we weer uitgeven, hopen de politici. Maar jij en ik zijn ook onderdeel van de economie. Hebben we ineens meer te besteden nu de economie aantrekt? Wel als ik een baan vind terwijl ik de afgelopen jaren werkloos was. Niet als ik werkloos blijf. Ik heb niet ineens meer te besteden. Sterker nog, ik ben niet slim bezig als ik niet meer te besteden heb en wel meer ga uitgeven omdat ik ‘er weer vertrouwen in heb‘. Consumentenvertrouwen hangt voor een groot deel af van de eigen financiële situatie en die kan behoorlijk afwijken van de staat waarin de economie verkeert. Bovendien is consumentenvertrouwen vooral gebaseerd op verwachtingen en als we iets hebben geleerd de afgelopen jaren dan is het dat we niet moeten handelen omdat we verwachten dat het straks financieel beter wordt.

Consumentenvertrouwen zegt dus weinig. Hoe meer vertrouwen, hoe meer bereidheid tot uitgeven. En hoe meer we uitgeven, hoe meer vertrouwen er blijkbaar is. Maar zegt dat iets? En is het belangrijk daar naar te luisteren? We kunnen onze bereidheid om uit te geven beter meten aan de buffer waarover we beschikken. Nog steeds heeft 40 % van de huishoudens een te kleine buffer, waarvan 20% geen enkele buffer heeft. Iedereen zou een minimale buffer van €3500 achter de hand moeten hebben, ongeacht leefstijl.  Mensen die samenleven, kinderen hebben en een auto, dienen natuurlijk een grotere buffer te hebben. Niet als bron van inkomsten in de toekomst maar ter vervanging van spullen die nu worden gebruikt. (bron: Nibud).

Nu zijn getallen maar getallen. Voor sommige mensen met een groot gezin is een buffer van € 3500 ruim voldoende of veel te veel, voor anderen zal het nooit genoeg zijn. Sommige mensen leven van de lucht en hebben weinig nodig, anderen hebben een huis vol ‘broodnodige’ apparaten. Vraag je daarom vooral af wat noodzaak is en wat niet.

Hoe dan ook, zonder buffer kun je snel in de problemen komen. Je wasmachine gaat kapot, je auto moet worden gerepareerd en voor het weet sta je in de min. De meeste mensen zonder buffer weten heus wel dat ze kwetsbaar zijn. Ik vind het zo jammer dat we enerzijds lezen over consumentenvertrouwen en het dreigende opgeheven vingertje van het Nibud moeten ondergaan, en anderzijds nooit iets lezen over waarom die buffer ontbreekt. Het consumentenvertrouwen stijgt en we moeten massaal overgaan tot grote aankopen? Schei toch uit, de meeste mensen zijn al blij als ze uitkomen en aan het eind van de maand niet te erg in de min schieten.

Dat betekent natuurlijk niet dat we moeten gaan wanhopen en die buffer moeten vergeten. Bij veel mensen ontbreekt nog steeds een goed overzicht van wat er inkomt en eruit gaat. Geef geld opzij zetten voor een buffer (hoe klein ook) altijd voorrang. Gebruik een meevaller (je 13e maand of het extraatje dat je met Kerstmis van je baas/moeder/opa krijgt) niet om jezelf eens te verwennen – hoezeer je dat ook verdient – maar zet het opzij. Schik je wensen naar de situatie waarin je zit. Geen buffer en een kapotte vaatwasser? Dat wordt met de hand afwassen. Probeer zoveel mogelijk te voorkomen dat je geld gaat lenen ter vervanging van apparaten. Heel vervelend dat je TV kapot gaat, maar vervang hem pas met geld dat er is.

Betere tijden zijn ook afhankelijk van hoe je met geld omgaat. Natuurlijk speelt het mee als je werkloos wordt, gaat scheiden en met een restschuld achterblijft. Maar blijf niet te lang hangen in wat je overkomt. Hoe sneller je weet te schakelen, hoe sneller je de regie weer in handen hebt. Laat je inspireren door mensen die schijnbaar van niets kunnen leven. Dat zijn vaak mensen die hun verlangens en eisen hebben bijgesteld naar aanleiding van hun financiën.

Zit je nu niet op de bodem maar pieker je wel over je baan, je financiën? Kom in actie! Maak die buffer tot een prioriteit. En geniet van het gevoel van rust als je weet dat je pech kunt opvangen.

Hoor jij bij die 40 % die onvoldoende buffer heeft? Hoe ga je dat oplossen? Kan je dat oplossen?

Crisis en armoe

Deze week konden we het in de krant lezen: 1 op de 10 kinderen leeft in armoede, dat zijn 384.000 kinderen. 1,2 miljoen mensen ‘heeft het arm’ Het CBS heeft het armoedesignalement gepubliceerd en daar komen deze onthutsende cijfers in voor. Los van het feit dat het schrijnend is dat mensen in armoe moeten leven, is het helemaal schrijnend dat het voor 30 % niet een tijdelijke maar een blijvende situatie is. Bovendien neemt de armoede toe. 1,329 miljoen mensen moest in 2012 rondkomen van een heel laag inkomen.

Een laag inkomen hoeft niet gelijk te staan aan armoede. Wat voor de één armoe is, is voor de ander ruim voldoende. Om toch ergens een grens te trekken is er een officiële inkomensgrens. Een inkomen rond en onder die grens verhoogt de kans op armoede. Een alleenstaande die moet rondkomen van €1040 leeft bijvoorbeeld op de niet-veel-maar-toereikend-grens. Wie een inkomen op dit niveau heeft, kan de basisbehoeften (wonen, voeding) betalen en daarnaast een klein bedrag besteden aan recreatie en sociale deelname.  Wat blogger Immie daarvan vindt, kunnen we hier lezen. Zij voelt zich absoluut niet arm! En dat is ze ook niet. Ze heeft zoals ze zelf uitlegt een fijn huis, kan dieren houden en gaat soms een paar dagen op vakantie. Ze heeft spaargeld en kan onverwachte uitgaven en tegenslag opvangen. Volgens de cijfers zit ze op het randje maar als je naar haar leven en keuzes kijkt, komt zij goed uit met wat er binnenkomt.

Veel mensen kunnen uitstekend rondkomen met heel weinig inkomen. Mensen met lasten die in verhouding staan tot hun inkomsten, kunnen goed klappen opvangen. Omdat er ruimte is om wat geld opzij te zetten. Dat geldt voor alle inkomens. Iedereen – of je nu een hoog of laag inkomen hebt – kan beter uitkomen als die balans aanwezig is. Het gaat dus niet eens zozeer om inkomen maar om dat wat er over blijft na aftrek van de lasten. Wat er binnenkomt, zegt niet alles over wat je kunt besteden.

Mensen worden ziek en maken hoge kosten. Tja, daar gaat die balans. Mensen worden ontslagen. Ook al heb je een buffer, na een paar jaar WW dreigt de bijstand. Ook al is je buffer hoog, als jij boven de 50 bent en geen andere baan meer vindt, dan is de bijstand niet genoeg om je lasten te betalen, ook al heb je misschien geen tophypotheek. Mensen gaan scheiden en blijven achter met een hoge schuld. Dan kun je nog zo verantwoord bezig zijn geweest met je financiën, als jij je huis moet verkopen op het moment dat het onder water staat, verzuip je evengoed. Door een opeenstapeling van pech, ontslag en een kapotte wasmachine, kun je zomaar ineens in de schulden zitten. En daaruit komen als je weinig zicht hebt op verbetering van je economische omstandigheden, is moeilijk.

Jammer genoeg verschijnen er prompt in de media verhalen die armoede nuanceren of juist heel erg benadrukken of belachelijk maken. Mensen die uitstekend rondkomen van een inkomen dat op de armoedegrens ligt, wordt bijna aangepraat dat ze arm zijn. Of er wordt net zo lang gezocht tot er weer een sukkel is gevonden die alleen maar opwarmmaaltijden eet en dus niet uitkomt met haar geld. Het zijn altijd de uitersten die worden aangedragen om een beeld te scheppen, jammer genoeg.

Maar armoede is veel genuanceerder. Het is de uitkomst van pech, van factoren van buitenaf die je niet kunt beïnvloeden én van keuzes die je maakt. Pech kunnen we niet voorkomen. Hoewel je misschien heel gezond leeft, is dat geen garantie dat je gezond blijft. Goed je werk doen, is geen garantie meer dat je dit werk houdt. Factoren van buitenaf, zoals een haperende economie, daar kun jij in je eentje ook weinig aan doen. Blijft over de keuzes die je maakt. Hoe leef je? Wat heb jij nodig om rond te komen? Wat is het minimum voor jou, heb je dat wel eens onderzocht? En hoever staat dat af van je huidige leefstijl?

Bijna de helft van werkend Nederland weet niet wat de hoogte van de uitkering is na ontslag. Dat is de eerste 2 maanden 75% van het laatstverdiende loon, daarna is het 70 %. Maar daar geldt wel een maximumbedrag van € 36.000 bruto per jaar voor. 83 % (!!) weet niet hoe lang je maximaal een WW-uitkering kunt krijgen. Dat is maximaal 38 maanden, maar dat is alleen als je voldoende aaneengesloten hebt gewerkt. Op berekenhet kun je uitrekenen wat op jou van toepassing zou zijn. Is de uitkomst voldoende om je vaste lasten te betalen? Maak voor de gein eens een crisisbegroting en kijk wat je zou moeten schrappen.

Als je werkloos wordt door ontslag of ziekte kan dit er enorm inhakken. Toen ik ziek werd, was ik nergens op voorbereid. Niet op ziekzijn, niet op de stress die het inkomensverlies meebracht en niet op de aanpassingen die we moesten doorvoeren in de financiën. Ik heb geleerd dat je zomaar ziek kunt worden en er zomaar er in inkomen op achteruit kunt gaan. Sommige stress had voorkomen kunnen worden, door bijvoorbeeld een crisisbegroting klaar te hebben liggen. Niet alleen ik vind dat, ook het U.WV vindt dat. Die start deze maand een voorlichtingscampagne.

Voorbereid zijn zal niet alles uitmaken, maar het maakt wel veel uit als het leven aan je deur klopt. En het is in ieder geval iets wat je zelf in de hand hebt. Goede keuzes maken kunnen niet voorkomen dat je ontslagen wordt of problemen krijgt. Maar ze kunnen misschien wel voorkomen dat in jouw geval bij ontslag het dubbeltje de verkeerde kant opvalt. Goede keuzes maken betekent niet alleen zorgen dat je een balans hebt tussen wat erin komt en wat er uit gaat maar ook dat je weet hoe je de balans houdt als je inkomen wegvalt. Het zal jullie niet verbazen dat ik meerdere crisisbegrotingen heb: één voor als mijn uikering wegvalt, één voor als M. zijn baan verliest.

Wat kunnen we verwachten?

Prinsjesdag is weer voorbij. De koning las zonder al te veel gehaper zijn tekst, we hebben een nieuw woord geleerd – participatiesamenleving – en nu gaan we weer over tot de orde van de dag, wetend dat er veel boven ons hoofd hangt en dat de regering vooral veel zelfredzaamheid van ons verwacht. Meer bezuinigingen maar toch gaat de economie aantrekken. Hoe, dat weet niemand behalve Rutte en Samsom.

Het goede nieuws is dat de basisverzekering vrijwel gelijk blijft en dat het eigen risico ‘maar’ met een tientje stijgt. Ook wordt psychologische zorg meer vergoed dan nu. Voor de rest blijft het gissen en afwachten wat de maatregelen precies betekenen in de portemonnee. Voor sommigen kan het – ondanks dat het deels gissen blijft – verstandig zijn om alvast de begroting van volgend jaar aan te gaan passen. Tweeverdieners zonder kinderen en met een inkomen beneden modaal zitten goed, die gaan er zelfs iets op vooruit maar verder gaat zo’n beetje iedereen inleveren. Het meest getroffen worden mensen met een inkomen boven modaal, 65-plussers en  chronisch zieken en gehandicapten. Natuurlijk is ook hier weer een stapel-effect mogelijk. Een chronisch zieke alleenstaande moeder in de bijstand met kinderen gaat zware tijden tegemoet, als ze daar al niet midden in zat.

Het Nibud heeft de regeringsplannen doorgerekend voor 100 verschillende soorten huishoudens. Zo kun je kijken wat jij kunt verwachten. Wil je meer weten, kijk dan hier.

Natuurlijk staat onze specifieke situatie er net niet tussen. Daarom doe ik het op mijn manier. De begroting van volgend jaar is voor een groot deel klaar en ik heb die posten waar nog ruimte zit gemarkeerd. Mocht het nodig zijn dan kunnen daar de nodige maatregelen worden getroffen. Vanzelfsprekend bezuinigen we dan op de luxe zaken voor zover die er nog zijn (de krant bijvoorbeeld) maar toch zal het ook onontkoombaar zijn om te kijken naar bijvoorbeeld het boodschappenbudget.

Hoe ga jij hier mee om?

Anticiperen op de crisis

De tijden veranderen. Ik las onlangs ergens dat bij veel veel banken tegenwoordig vooral één afdeling explosief is gegroeid: daar waar schuldenaren worden begeleid. Steeds meer mensen komen steeds dieper in de problemen en banken worden daar dus ook steeds vaker mee geconfronteerd.

Mijn bank stuurde deze week een mail met de titel: Een restschuld. En dan? De mail bevatte voor mij geen nieuwe informatie. Als je nu je huis verkoopt voor een lager bedrag dan waarvoor je het kocht en je hebt in de tussentijd niets of te weinig afgelost, dan heb je een probleem. Dat kan je ook bedenken zonder dat je een mail van de bank moet lezen. Maar het geeft wel wat aan. Een restschuld zie je vaak van te voren aankomen. Hoe eerder je contact opneemt met je bank of hypotheekverstrekker, hoe beter jij én de bank kunnen anticiperen op wat gaat komen. Veel mensen blijven maar wat aanmodderen en doen niets tot het zover is. Eerder contact opnemen, kan veel ellende schelen. Zo kunnen er misschien al voor de verkoop van het huis andere keuzes gemaakt worden. In je eentje is het moeilijker al die keuzes te overzien. De bank kan je daar bij helpen.

Niet dat de bank een moeder Theresa is, verre van. Banken hebben natuurlijk een groot eigen belang bij verkochte huizen met weinig restschuld. Dat is begrijpelijk. Maar dat betekent wel dat je dat goed voor ogen moet houden als je aan de bel trekt bij je bank omdat je een restschuld verwacht. Jouw belang is niet hetzelfde als het belang van de bank. Ga goed voorbereid een gesprek in, neem iemand mee en teken niets zonder dat je alles van A tot Z thuis 2 keer hebt doorgelezen en besproken hebt met iemand anders.

Niet alleen de banken springen in het gat dat de crisis achterlaat. Het Nibud gaat financiële coaches opleiden die bedrijven helpen werknemers met schulden te steunen. Een werknemer met schulden kost een bedrijf veel geld. Je kunt denken aan verzuim omdat er vaak door de schulden ook veel andere problemen gaan spelen. Maar ook bijvoorbeeld een loonbeslag kost veel tijd en geld. Bovendien heeft een bedrijf niet altijd de kennis in huis om een werknemer met deze problemen te helpen.

Zelf oplossingen bedenken kan natuurlijk ook. Verdiep je goed in je hypotheek, los af waar mogelijk als je huis onder water staat en maak realistische plannen voor de toekomst. Merk je dat dit niet voldoende is, steek dan niet je kop in het zand maar ga praten met de bank en je werkgever om samen naar oplossingen te zoeken.

Wie heeft ervaringen met een restschuld en praten met een bank? Of ervaring met financiële hulp door de werkgever? Als je je ervaringen wilt mailen, graag: consuminderenmetspaarcentje at gmail punt com

Hoe moet het dan wel?

Naar aanleiding van mijn stukje over de herkeuring van Wajongers kreeg ik een opmerking dat ik ongenuanceerd was. Dat klopt ja. Ik word steeds bozer en voor minder rede vatbaar in een tijd waarin mensen gepakt worden die in eerste instantie niets met de crisis te maken hebben. Natuurlijk hebben we er inmiddels allemaal mee te maken want we kunnen er niet meer omheen. Maar afschuiven en doorschuiven werkt niet. De huizenmarkt vlot trekken met geld dat voor pensioenen bedoeld is, voelt krom. Beknibbelen op de zorg, leidt er toe dat mensen een zwaardere indicatie krijgen, om toch maar de hulp te krijgen die ze nodig hebben. Dat is dus helemaal geen bezuiniging.

Waar zijn we mee bezig als het normaal wordt gevonden dat bedrijven mensen op straat zetten, niet omdat ze verlies draaien maar omdat ze anders niet voldoende winst maken. En dat vervolgens de top die dit uitvoert een bonus mee krijgt. Dat is toch vreemd? Of zie ik dat verkeerd?  Bedrijven die volgens dit principe werken, hebben geen betere productie voor ogen, maar willen minder kosten maken. Want dat is de snelste en makkelijkste weg naar meer geld. Dit is natuurlijk vooral het geval met investeringsmaatschappijen die het bedrijf weer aantrekkelijk willen maken voor de volgende investeerder. Zo streek topvrouw Marissa Mayer van Yahoo 28 miljoen op om flink de bezem door dat bedrijf te halen, ten koste van veel werknemers. Waar blijft de regering die zegt ‘ho eens even dit gaat zomaar niet

Snel geld binnen harken door te snoeien in het personeelsbestand levert veel op voor weinigen en laat een enorme ravage achter van mensen die buiten de boot vallen, weer aan het werk moeten worden geholpen maar moeilijk bemiddelbaar zijn (te oud) en heeft op termijn gevolgen voor het beleid van regeringen die geconfronteerd worden met groeiende aantallen werklozen en doorgedraaide ontslagen werknemers. Bovendien wordt de druk op de achtergebleven werknemers ongehoord hoog, wat ook weer gevolgen heeft voor het ziekteverzuim. In plaats van de werkgevers aansprakelijk te stellen voor de rampzalige gevolgen van deze manier van werken, geven we het groeiende leger werklozen en arbeidsongeschikten de schuld.

Wat werkt dan wel? Een open menselijke samenleving waarin we allemaal hooguit 20 uur  per week werken misschien? We zijn nu onderdeel van een samenleving waarbij een steeds kleiner wordende minderheid profiteert en floreert ten koste van een steeds grotere groep die buiten de boot valt.
Als zó veel mensen buiten de boot vallen, dan kun je wel proberen die mensen terug in de boot te duwen of te straffen omdat ze niet in de boot passen, maar je kunt ook gaan kijken of er iets aan de boot mankeert.

We leven in een tijd waarin we met onze vooruitgang en ontwikkeling onze omgeving en de mensen die daarin proberen te leven, kapot maken. De menselijke maat is volledig zoek. Ben ik volledig de weg kwijt als ik snak naar een liefdevolle samenleving waarin een respectvolle omgang met mens, dier en natuur centraal staat? Als niet winst maar floreren centraal staat? Als we niet kijken naar wat we willen hebben, maar naar wat we nodig hebben? Als niet geld centraal staat maar hoe we omgaan met elkaar en onze omgeving? Als we kijken niet alleen kijken naar wat goed is voor de economie, maar vooral ook kijken naar wat goed is voor de mens, dier en natuur, niet alleen nu maar ook in de toekomst?

Geschuif en gepruts

Als ik de krant lees dan groeit met de dag mijn weerzin tegen deze regering. Sinds 2006 zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de bijstand. Omdat veel mensen in de bijstand in aanmerking bleken te komen voor een wajonguitkering (want van jongs af aan duurzaam arbeidsongeschikt of gehandicapt), is het aantal Wajongers explosief gestegen.  Dat was voor de personen in kwestie een vooruitgang, want een Wajonkuitkering pakt financieel iets prettiger uit dan de bijstand. Dat vindt de overheid natuurlijk op haar beurt weer niet prettig want die is verantwoordelijk voor de uitbetaling van de Wajonguitkeringen. En omdat er natuurlijk toch weer ergens geld vandaan moet worden gehaald, is het plan gelanceerd om alle Wajongers te herkeuren . Van de 230.000 Wajongers zouden er maar 40.000 echt een Wajonger zijn. De rest mag weer ‘opzouten’ naar de bijstand. (bron: Volkskrant 28 juni jl.)

Alle Wajongers zijn sinds dit bericht ongetwijfeld in een regelrechte kramp geschoten die hun gezondheid nog eens nadelig beïnvloed. Bovendien moet je als Wajonger maar afwachten aan welke kant van de weegschaal je zit. Persoonlijk vind ik dit een misselijkmakend geschuif met mensen en verantwoordelijkheden. Bovendien is het weer eens ouderwets toewerken naar een conclusie die gebaseerd is op een diep gevoelde wens (minder kosten) en een zielige ontkenning van de realiteit. Zo veel Wajongers, daar zitten vast boefjes tussen denken ze in Den Haag. Wajonger klinkt al bijna als kwajongen en het zijn er sowieso teveel. Dus ontkennen we dat het er zoveel kunnen zijn, want dat is niet wenselijk. Wat klopt er niet in deze manier van denken? Gaan we straks ook alle bejaarden aan een keuring onderwerpen, of ze echt wel bejaard zijn? Wat zou dat trouwens kosten, zo’n herkeuringsoperatie?

Mensen worden gepakt, gekort, geraakt in hun bestaan en tegelijkertijd roept Samsom op om meer geld uit te geven. Mensen met een gouden handdruk die na jaren dienstverband worden uitgekotst door hun bedrijf zijn ineens halve criminelen omdat ze voorzichtig met hun geld omgaan. Kan iemand mij uitleggen hoe een lid van de Partij van de Arbeid dit soort uitspraken kan doen zonder een vervelend gevoel te krijgen.

Ga je mond spoelen Samsom en Rutte. Ga je diep, heel diep schamen. Kom eens met een echt plan in plaats van mensen te pakken die kwetsbaar zijn omdat ze of een handicap hebben of uitgepoept zijn door hun werkgever. Draai die bestelling van  JSF terug, luister naar Wientjes en hou eens uitverkoop in je eigen toko in plaats van je rijk te rekenen met ‘kapitaal’ van mensen die niets tot weinig hebben. Ik heb mijn eigen boeken verkocht het afgelopen jaar, jullie hebben vast ook nog wel wat spulletjes staan. Toe maar, dat kunnen jullie wel, heus.

Waar gaat het mis?

In deze tijd kan het zomaar zijn dat je leest dat de zorgverzekeraars 1,4 miljard (!) euro winst maken én dat er massa’s ontslagen in de zorg dreigen. De voorspellingen van DNB zijn enorm negatief: het begrotingstekort loopt volgend jaar op tot 3,9% en om dit op te lossen moet er 8 miljard extra bezuinigd worden (bron: Volkskrant 11 juni jl). Het kabinet roept dat het zo’n vaart niet loopt en wacht de voorspellingen van het CBS af, om die te negeren als het zo uitkomt.  Roept de Rabobank dat de bodem van de huizenmarkt in zicht is, DNB ontkracht dit weer door te voorspellen dat de huizenprijzen nog twee jaar zullen dalen.

Denk je als huizenbezitter met een NHG goed te zitten in geval van een eventuele restschuld, worden de regels eenzijdig verscherpt. Want stel je voor dat té veel mensen het vangnet waar ze ooit voor tekenden gaan claimen. En het eerder gemelde getal van één miljoen huizen die onder water staan, is ook al weer ingehaald door de werkelijkheid: het zijn er inmiddels 1,3 miljoen….Niet vreemd dus dat steeds meer huizenbezitters aankloppen bij schuldhulpverleners. Die zagen de vraag naar hun expertise in het afgelopen jaar maar liefst met 50% doen toenemen (bron: Trouw, 8 juni jl.).

De Nederlandse economie staat er verschrikkelijk slecht voor en daar zijn de zuinige consumenten op dit moment de oorzaak van volgens DNB. Wij gaven met zijn allen dit jaar 2% minder uit dan vorig jaar. Vreemd is dat niet. Mensen die keer op keer getroffen worden door het stapeleffect van bezuiniging op bezuiniging, dreigende werkloosheid en huizen die onder water staan, houden de hand op de knip. Ik noem dat gezond verstand. Waarop de overheid als antwoord waarschijnlijk weer meer bezuinigingen inzet. Alsof dat de consumenten gaat aanzetten tot meer uitgaven.

Terug naar de zorg. Het kan niemand zijn ontgaan dat de zorg anders ingericht gaat worden. Alleen de zwaarste gevallen blijven in de AWBZ onder verantwoordelijkheid van de overheid. Lees: zorg in instellingen. De overige gevallen komen onder de hoede van de gemeenten. Ondanks dat het onder de paraplu van de overheid bepaald niet op rolletjes liep, is nu dan besloten dat de gemeenten het zelf mogen uitzoeken en als het even kan met een veel kleiner budget, er wordt namelijk 3 miljard bezuinigd. Hoe dat kan? Door de kwaliteit te verbeteren.

Wat dit in de praktijk betekent lees ik al hier en daar. Óf mensen krijgen een veel zwaardere zorgindicatie, om ze toch de zorg te bieden die ze nodig hebben, omdat er nu eenmaal niet familieleden op afroep beschikbaar zijn om de billen van tante Kaatje te wassen. Óf mensen worden in de steek gelaten. In plaats van 4 uur huishoudelijke hulp, komen ze ineens nog maar in aanmerking voor de helft van die tijd. Dat betekent concreet dat óf een zorgvraag niet meer correct kan worden beantwoord, wat leidt tot vuile billen van tante Kaatje of dementerende bejaarden die 10 keer per dag iemand van de thuiszorg laten uitrukken omdat ze hun huissleutels kwijt zijn. Een andere mogelijkheid is dat de zorgverlener hetzelfde werk nu in 2 uur gaat doen, waar voorheen 4 uur voor stond. Het is toch niet zo dat de zorgverlener en tante Kaatje die tijd lekker vol kletsten. Een zorgbehoefte verdwijnt niet zomaar op basis van financiële prikkels.

Het brein achter de reorganisatie in de zorg is onze staatssecretaris Martin van Rijn. In de Volkskrant van 10 juni jl. wordt deze man nogal bejubeld. Hij heeft verstand van zaken, een geweldig netwerk in de zorg. “Luisteren en achterhalen wat de drijfveren zijn’, worden genoemd als zijn belangrijkste kwaliteitenMaar wat ik ook lees is dat Van Rijn er vol ingaat: ” Als ik hem om half 1 ’s nachts een sms of mail stuur, komt er direct een antwoord terug. (…) Werk is voor hem geen zwarigheid maar een levensvervulling. Hij heeft een tuin maar bekommert er zich niet om, al gaat hij wel met zijn vader naar diens volkstuintje. Een uurtje golf op zaterdag – daar blijft het bij. Een boek is voor vakantie, de enige pauze in het werk.”

Wat een armoe. Te bedenken dat deze man kan opleggen hoe anderen hun werk moeten gaan uitoefenen. Wordt terug mailen in de nacht de norm? Misschien dat het verandert als Van Rijn een burn out krijgt, niet in aanmerking komt voor een afvloeiingsregeling, zijn hypotheek niet meer kan betalen en dan pas voelt hoe het is om kwetsbaar te zijn in deze samenleving.  Workalholics zijn toch bij uitstek de mensen die op een gegeven moment aanspraak gaan maken op zorg. Misschien kunnen al die artsen uit het netwerk van Van Rijn hem eens voorlichten over een gezonde verhouding tussen werk en privé. Als we niet uitkijken wordt té hard werken de norm. Dan weten we zeker dat de zorgkosten de pan uit rijzen.

Zuinig leven

Deze week werd ik benaderd door een hele aardige mevrouw van de tv. Ze deed research voor een nog te ontwikkelen programma over zuinig leven. Ze had mijn blog gelezen, of ze met me mocht praten mailde ze. Dat mocht, dus belde ze en vroeg me de hemd van mijn lijf. Waarom zijn we zuinig gaan leven, hoe doen we dat dan, wat is zuinig leven, waar ben ik het meest trots op?

Mijn verhaal over zuinig leven is niet hét verhaal over zuinig leven. Dat probeerde ik haar dan ook duidelijk te maken. De situatie waarin je zit bepaalt hoe zuinig zuinig is. De één doet dat omdat hij in de schuldsanering zit, de ander doet het uit ideële motieven en weer een ander doet het vanwege minder inkomen en lasten die niet ineens zomaar verdwijnen. In die laatste categorie zit ik.

Zuinig is niet hetzelfde als een vrek zijn of vrekkig leven. Zuinig zijn betekent voor mij een besef hebben dat iets op of kapot kan gaan. Dus ga je zorgvuldig om met je voorraad, geld, spullen, je lichaam. Zuinig betekent niet dat ik altijd voor de goedkoopste oplossing ga. Ik betaal liever wat meer dat goed en degelijk is gemaakt en om die reden lang mee kan gaan. Zuinig betekent voor mij dus niet meer in China gemaakte plastic troep kopen. Zuinig betekent voor mij weinig vlees eten, maar wát we eten is biologisch.

Voor mij is de kern van zuinig zijn vooral niet meer ondoordacht of impulsief uitgeven, sparen voor iets wat gewenst is en leren uit te komen met wat er te besteden is. Zuinig zijn levert veel op. Vooral gemoedsrust, omdat ik me niet meer zorgen maak om dingen die kapot kunnen gaan. Ik heb immers een buffer waarmee ik dat opvang.

Het gevolg van zuinig zijn is dat je ook zuiniger wordt met iets anders: met je tijd en met jezelf. Ik geniet intens van wat kan en sta niet te veel stil bij wat niet kan. Ik beschik nu over veel tijd en heb nu door mijn situatie als WIA-uitkeringstrekker noodgedwongen de arbeidsmarkt van een afstand kunnen bekijken. En wat ik zie bevalt me niet. Ik wil niet terug naar de ratrace van hard werken, reorganisaties en voortdurende kans op burn out. Ik wil niet het melodietje van een ander zingen, maar dat van mij en wat bij mij past. Ik ben zuinig op mezelf geworden. Mijn lichaam en geest zijn mijn grootste bezit en dat komt beter tot zijn recht als ik er goed voor zorg. Ik wil straks niet meer in de cirkel stappen van hard werken en daardoor een levensstijl krijgen die duur is (voorgesneden groenten in een pan gooien met een kruidenmix want geen tijd). Ik wil niet langer een duur sportabonnement moeten betalen omdat ik die drie keer in de week sporten nodig heb om de stress uit mijn lijf te krijgen. In plaats daarvan wil ik mijn leven zo organiseren dat ik regelmatig buiten kan zijn, wandelen, of lekker lanterfanten.

Het gevolg van zuinig zijn is dat ik anders tegen luxe, tijd en mezelf ben gaan aankijken. Mijn zuinige leven bevalt goed, er is namelijk meer ruimte voor mezelf in dit leven. Dat ik ziek ben geworden heeft me de kans gegeven om anders te kijken naar zaken die voor mij vanzelfsprekend waren. De crisis in mijn micro-economie was louterend. Dat er tegelijkertijd op een groter niveau ook een crisis gaande is, sterkt me in mijn gevoelens. Niet alleen ik doe er goed aan om soberder te leven, we worden nu met zijn allen gedwongen een stap terug te doen. Is dat erg? Wel voor mensen die tussen het wal en de schip vallen en verzuipen door de vele bezuinigingen. Maar voor veel mensen is het ook een kans om na te denken. Willen we wel zo hard werken dat we continue allerlei lichamelijke vage klachten hebben totdat het ineens té veel wordt. Willen wel wel 24 uur per dag beschikbaar zijn voor de buitenwereld, onze baas. Hoe erg is het als je niet elke 2 jaar een nieuwe mobiele telefoon kan kopen waar internet op zit? Waar heb je dat voor nodig als je tegelijkertijd ook een laptop hebt en daarop ook bereikbaar bent? Wil je wel werken voor spullen waar je eigenlijk heel goed zonder blijkt te kunnen? Wat heb je nu echt nodig in het leven en wat moet je daarvoor laten?

Dat is de essentie van zuinig zijn voor mij: een groeiend besef van wat ik echt nodig heb.Wat betekent het voor jou?

Ontslagen. En nu?

Het kan altijd, zeker in deze tijd. Toch zien veel mensen een ontslag niet aankomen. Onlangs nog hoorde ik het verhaal van mijn oude baas die ontslagen werd net nadat hij een ander huis had gekocht, terwijl zijn oude huis nog niet was verkocht. Voor deze man kwam zijn ontslag als een verrassing. Toch waren er al signalen die hij blijkbaar niet zag. Bijvoorbeeld dat hij op een dag te horen kreeg dat hij voortaan niet meer directeur was, maar manager. Of dat om hem heen andere mensen er ook continue uit vlogen.

En zo zijn er meer mensen die een ontslag niet zien aankomen en totaal niet voorbereid zijn. Wat nu als jij gewend bent laarzen te kopen van € 200,- omdat je daar zin in hebt en sparen een vies woord is? Je verdient zo veel, dat een eventuele roodstand zo weer is opgelost. Tot nu toe dan. Een buffer heb je niet, wel een creditcard. Voor inmiddels doorgewinterde consuminderaars is dit misschien moeilijk voor te stellen, maar dit komt echt voor. Ik heb het afgelopen jaar meerdere malen in mijn omgeving meegemaakt dat mensen met een heel goed salaris werden ontslagen, zonder iets van een reserve te hebben en een bestedingspatroon dat geen rekening houdt met pech.

Het kan gebeuren dat ook jij volledig door je ontslag overvallen wordt. Wat doe je dan? Natuurlijk ga je meteen op zoek naar ander werk, maar ondertussen moet je zien rond te komen met 70 % van je oude inkomen. In sommige gevallen zelfs minder omdat een WW-uitkering uitgaat van een maximumdagloon, dat is momenteel € 194,85 bruto per dag. Je uitkering kan dus nooit hoger zijn dan 70 % van dit maximum dagloon.

10 tips voor mensen die ontslagen zijn, geen buffer hebben en geen flauw idee hebben waar te beginnen.

1) Maak een overzicht van je nieuwe situatie
En dan heb ik het over een gewone optelsom van wat er binnenkomt en uitgaat. Inkomsten zijn dan je uitkering, de kinderbijslag, eventuele renteaftrek of huursubsidie, alimentatie, zorgtoeslag, etc. Uitgaven verdeel je onder in vaste lasten, reserveringsuitgaven en variabele uitgaven. Vaste lasten is alles wat regelmatig terugkomt en waar je niet onder uit komt. Denk aan huur of hypotheek, gas/water/licht, gemeentebelastingen maar ook verzekeringen.
Reserveringsuitgaven zijn uitgaven voor kleding en persoonlijke verzorging, vakantie, onderhoud van je huis en/of auto maar ook periodieke uitgaven. Dit zijn uitgaven die niet maandelijks terugkomen maar bijvoorbeeld per kwartaal of eens per jaar.
Tot slot heb je de huishoudelijke uitgaven. Al die uitgaven die je in en om het dagelijkse leven maakt om je te voeden, te wassen, jezelf te verzorgen. Maar ook zakgeld of de werkster kunnen hier onder vallen.

Wat is het tekort waarmee je geconfronteerd wordt?  Niet, stop met lezen, je hebt dit artikel helemaal niet nodig. Zo ja, ga naar punt 2.

2) Leg je nieuwe overzicht naast je oude uitgavenpatroon
Misschien werkte je al met een begroting. De kans is groot dat je dan geen hulp nodig hebt. Deed je dit niet, pak dan de afschriften van het afgelopen jaar erbij. Je hebt al een overzicht gemaakt van al je lasten, dus daar hoef je nu niets mee te doen. Noteer nu eens de rest. De rest is alles wat valt onder overig/onvoorzien/impulsuitgaven. Dus al die geldopnames waarvan je niet goed weet waarom je ze deed, alle boeken/laarzen/tassen die je in een impuls kocht, gewoon opschrijven. En ook al je etentjes, uitjes en al die andere uitgaven waarvan je nu al niet meer weet welk nut ze hadden.

3) Noteer de aandachtspunten
Je weet als het goed is nu meteen wat je pijnpunten zijn. Het kan heel goed zijn dat besparen voor jou betekent dat je alleen maar moet stoppen met impulsuitgaven. Misschien kom jij namelijk op papier prima uit en moet je jezelf leren om niet meer ondoordacht of impulsief geld uit te geven. Dit zal voor heel veel mensen gelden, maar misschien is het voor jou niet zo eenvoudig en moet je echt gaan schrappen.

Je hebt al opgeschreven wat opviel. Maar misschien heb je geen flauw idee of jij veel te veel uitgeeft aan een bepaalde post. Vul dan eens het persoonlijk budgetadvies van het Nibud in. Hier zie je wat bij jouw inkomen minimale en maximale bedragen zijn die je uit kunt geven. Geef jij bijvoorbeeld normaal € 200 per maand uit aan kleding, dan zie je misschien nu dat bij jouw nieuwe inkomen een heel ander kledingbudget past.

4) Maak keuzes
Als je van de ene op de andere dag minder inkomen hebt, kies dan voor besparingen die meteen effect hebben. Natuurlijk kun je op zoek gaan naar een andere energieaanbieder, nog maar 2 minuten per dag onder de douche staan of al je verzekeringen naar goedkopere varianten omzetten. Toch hebben dit soort besparingen vaak pas effect op de langere termijn. Richt je daarom voor nu vooral op de reserveringsuitgaven en de huishoudelijke uitgaven.

Pak je eerder gemaakte overzicht er weer bij. Afhankelijk van de nood, ga je die uitgaven markeren waar je eventueel op kunt besparen. Bijvoorbeeld: vakantie, uitjes, abonnementen, kleding, roken, boodschappen, boeken/CD’s, verjaardagen, voeding, hobby, sport, de werkster

Nu kun je kiezen uit 3 dingen:

  • over de gehele linie ga je iets zuiniger aan doen. Dus je maakt haalbare budgetten voor al deze uitgaven en je houdt je daar aan. 
  • je maakt een prioriteitenlijst. Zo zet je op nummer 1 waar je absoluut niet op wilt besparen en onderaan wat je minder belangrijk vindt. Je gaat bijvoorbeeld besparen op de nummers 6 tot en met 11. En besparen is echt besparen in de zin van niet meer doen. Dus je zegt de werkster op, stopt met roken en in plaats van je dure sportschoolabonnement ga je elke dag een uur wandelen…maar als juist die dingen bij jou op 1 staan, dan stop je met iets anders….
  • je doet de auto weg. Voor veel mensen zal gelden dat het tekort in de begroting in één klap hiermee is opgelost. Natuurlijk is dit afhankelijk van je situatie, maar toch.

5) Maak met de gemaakte keuzes een nieuwe begroting.
Puzzel en reken tot je uitkomt. Zorg er wel voor dat er ruimte is om te sparen voor onvoorziene gebeurtenissen. En dan heb ik het niet over een onverwachte vakantie, maar over een wasmachine die kapot gaat. Ideaal is als je 10 % van je inkomen opzij kunt zetten om te sparen.

6) Houd vanaf nu je uitgaven bij
Nu je begroting op papier klopt, ga je alle uitgaven bijhouden in dezelfde categorieën als van je begroting. Aan het eind van de maand kijk je of je vooraf gemaakte begroting erg afwijkt van wat je uitgaf. Je ziet nu meteen wat je aandachtspunten zijn. Dat hoeft niet te betekenen dat je te veel over de schreef bent gegaan. Het kan ook zijn dat je begroting niet voldoende realistisch is. Misschien is je boodschappenbudget wel te laag. Dan zal je dat moeten verhogen en ergens anders op moeten bezuinigen.

7) Wees eerlijk en duidelijk over je situatie
Zorg er voor dat iedereen in je omgeving weet van je veranderde situatie. Wees duidelijk en vertel dat je niet meer altijd mee uit eten kunt gaan en dat je ook niet meer € 100,- aan een vrijgezellenavond van een kennis kunt besteden. Stel in plaats daarvan andere uitjes voor. Niet alles hoeft geld te kosten. Met een vriendin een lekkere wandeling maken is ook fijn. Krijg je vervelende opmerkingen of ontmoet je veel onbegrip? Jammer voor die ander, het probleem ligt niet bij jou! Een vriendschap die alleen maar leuk is als er dingen worden gedaan die geld kosten, heeft niet jouw eerste prioriteit nu.


8) Leer anders te denken en sta open voor nieuwe dingen
Je leven houdt niet op met minder inkomen, het is alleen anders. Het zal je verbazen hoeveel er nog kan, als je creatief bent. Ook met minder inkomen, kun je mooie kleding kopen. Doe aan ruilmiddagen, loop bij de kringloop naar binnen of zoek op marktplaats. Denk na voor je iets vervangt en leer te vragen. Misschien was je gewend iets meteen te vervangen als het kapot ging. Probeer hier anders mee om te gaan. Kun je het maken? Zo niet jij, iemand anders dan? Heb je het eigenlijk wel nodig? En moet dat altijd nieuw zijn? Misschien ligt het wel bij je buren op zolder. Als jij mensen regelmatig spullen aanbiedt die jezelf niet meer gebruikt of nodig hebt, gaan anderen dat ook bij jou doen.

9) Ga voor lange termijn acties
Dit zijn de meer tijdrovende uitzoekklussen, maar hiermee ga je veel geld besparen! Nu je de meest in het oog springende problemen hebt opgelost, is het tijd voor langere termijn acties. Dit is natuurlijk afhankelijk van je situatie. Misschien heb je al weer een andere baan gevonden, dat kan.  Maar misschien is je salaris minder dan voorheen en ben je blij dat je überhaupt een baan hebt. Of besef je dat je op jouw leeftijd misschien geen baan meer vindt.

  • Duik in je verzekeringen, je energieverbruik, je pensioen, je hypotheek, je woekerpolis.
  • Zoek uit welke langer lopende financiële verplichtingen je hebt en noteer per welke datum je deze kunt opzeggen. Ga uitzoeken wat het eerst vervalt en zoek daar een goedkopere optie voor (of misschien zeg je het wel op).
  • Neem geen enkele uitgave nog voor lief. Veel uitgaven zijn gebaseerd op gewoonten. Als jij gewend was om een paar keer per jaar op vakantie te gaan, dan heb je waarschijnlijk een doorlopende reisverzekering. Maar misschien kun jij in de nieuwe situatie ‘maar’ een keer per jaar op vakantie of helemaal niet. Schrappen dan, die doorlopende reisverzekering! 
     

10) Houd je zelf gemotiveerd
Verandering kost tijd. Besparen gaat met vallen en opstaan. Zorg dat je jezelf beloont als het goed gaat, gun jezelf af en toe iets kleins, zo houd je de moed erin. Geef jezelf zakgeld, al is het maar een klein bedrag per week en beloon jezelf af en toe met iets waar je blij van wordt, een boek, ergens wat drinken, een bos bloemen…Zoek mensen op die in hetzelfde schuitje zitten, lees consuminderblogs en bespaarboeken. Probeer het als een spel te zien waarbij veel valt te winnen.

Hopelijk kom ook jij erachter dat leven met een kleiner budget dan voorheen heel goed mogelijk blijkt te zijn. Voor veel mensen blijkt het verrassend positief uit te pakken om bewuster geld uit te geven aan die zaken die ze belangrijk vinden. De dingen die moeten worden opgegeven, worden vaak niet eens gemist omdat ze toch al onderaan de prioriteitenlijst stonden.

Aanvulling met praktische tips nav binnengekomen reacties:

  • een uitkering bedraagt 2 maanden 75 % van het laatst verdiende loon en daarna 70 %. Maar let op er geldt een grens van een maximaal dagloon van € 195. Verdien je meer dan dat, dan ontvang je maximaal 70% van € 195, bij een werkweek van 40 uur is dat iets meer dan € 2700 bruto per 4 weken (uwv keert ww per 4 weken uit). Je ontvangt dus 13 keer per jaar een salaris. Bij de berekening van wat je overhoudt moet je ook rekening houden met vakantiegeld dat van de bruto uitkering wordt afgetrokken (-8%).
  • Verdiende je minder dan het maximum dagloon, ga dan uit van 70% van je laatst verdiende salaris.
  • Let ook op de Belastingaangifte. Wie werkt krijgt arbeidskorting. Wie WW ontvangt niet. In het jaar na je ontslag kan dit voor een vervelende naheffing van de Belastingdienst zorgen. Geef dus zodra je weet wat je uitkering wordt, door aan de Belastingdienst wat je nieuwe inkomen is, zodat je voorlopige teruggave direct wordt aangepast. Hier vind je meer informatie.
  • De lengte van een WW uitkering varieert van 3 maanden tot 38 maanden en is afhankelijk van je arbeidsverleden. Je moet dan wel in de 36 weken voordat je werkloos werd minimaal 26 weken aaneengesloten hebben gewerkt.
  • Als ondernemer kom je niet in aanmerking voor een WW uitkering, tenzij je je daar vrijwillig voor hebt verzekerd, zie hier voor meer informatie. Tegenwoordig zijn er initiatieven van ondernemers om elkaar te steunen bij arbeidsongeschiktheid in de vorm van broodfondsen

Heb jij nog aanvullende tips voor mensen zonder buffer, die ineens hun baan kwijt zijn en zuiniger moeten gaan leven?