Dromen

Tijd voor een bekentenis. Steeds meer is het me duidelijk dat ik hier (als in onze huidige woning) niet wil blijven. Best vreemd eigenlijk als ik me bedenk dat ik 4 jaar geleden nog wakker lag omdat we de hypotheek nauwelijks konden betalen en ik dit huis niet absoluut kwijt wou. Op zich wil ik het nu nog steeds niet kwijt alleen ik zou wel graag ergens anders willen wonen.

Contact gestoord als ik ben, levert contact met buurtgenoten me niets op. Natuurlijk maak ik wel eens een praatje met buurvrouw links of rechts, maar veel vaker dub ik hoe ik ongezien de steeg door kan  komen zonder aanspraak. Dan hoor ik buurvrouw rommelen in de tuin en denk ik ‘hier-heb-ik-zó-geen-zin-in.’

Ligt niet aan buurvrouw, ligt aan mij. Ik  ben veranderd van een wezen dat altijd elke dag mensen over de vloer had naar iemand die het liefst alleen is, buiten het eigen gezin. Ik stoor me aan omgevingsgeluiden en dan woon ik nog in een redelijk rustige straat. Even naar de stad gaan doe ik nooit. Ik doe functioneel boodschappen en klaar. Ik plof niet neer op een terrasje om bij te praten met een vriendin, ik ga ook nooit zomaar op de bonnefooi even lopen in het centrum hier.

In Hoorn heb ik ook niet echt een sociaal leven (dat heb ik überhaupt niet echt). Toen we hier kwamen wonen speelde mijn sociale leven zich af in Amsterdam. Dat werd minder door de verhuizing en ik bouwde hier in Hoorn geen nieuw sociaal leven op. Ik werkte veel, ons kind was klein en ik had weinig tijd om me met andere zaken bezig te houden. Toen S. naar school ging, leerde ik wel andere ouders kennen maar doordat ik tegelijkertijd ziek werd, bleef dat contact ook heel beperkt. Het meeste contact is er nog met de moeders van de beste vrienden van S., maar hoe leuk ook, dat is niet een contact als in ‘we spreken af om iets leuks te gaan doen’. Er wordt af en toe samen een bakkie gedaan maar daar blijft het wel bij. Zij hebben ook hun eigen leven met eigen vrienden en dat is prima zo, mijn energie is toch te beperkt en te grillig om iets te kunnen opbouwen nu.

Wat mij betreft zijn we dus niet aan Hoorn gebonden en gaan we ergens wonen waar we nog meer privacy hebben. Iets kleiner wellicht en met meer tuin. Doen we gewoon één keer in de week samen de boodschappen en inkopen, net als dat we nu ook al doen.

M. wil dit ook. Ook hij is veranderd. Toen ik hem leerde kennen was het bij hem thuis net de zoete inval. Zaten wij straalverliefd op de bank, klaar voor stomende sex, werd er weer eens aangebeld. Niet zelden was dat vriend A. die zo’n bord voor zijn kop had dat als er niet open werd gedaan, hij door de brievenbus naar binnen ging roepen. Was zelf blijkbaar nooit verliefd geweest en enig inlevingsvermogen voor de verliefde medemens ontbrak.

De omstandigheden waren bij ons de afgelopen 7 jaar zo dat ons leven heel rustig is geworden. Geen huis vol visite, weinig reuring anders dan het gewone dagelijkse leven. En we vinden het wel prima zo, er is weinig behoefte aan meer drukte nu we zo gewend zijn geraakt aan de rust. Wel hebben we nu meer behoefte een dingen ondernemen nu ik iets opknap, maar dat heeft niets te maken met hoe of waar je woont natuurlijk.

Voorlopig blijven we nog wel hier wonen. Het plan nu (maar dat kan ook weer veranderen natuurlijk) is om te blijven tot S. klaar is met school en eventuele studie, ervan uitgaand dat hij gaat studeren en dat hij dan thuis blijft wonen (iets anders gaan we niet bekostigen voor hem). We wonen nu voor hem ideaal, vlak bij school en vlak bij een station, dus goed te bereizen in geval van toekomstige studie. Minimaal 10 jaar dus nog. Is dat een straf? Nee, absoluut niet. Ik woon hier niet met tegenzin, het is meer dat ik droom van iets nog prettigers.

Die tien jaar geven ons bovendien de tijd om af te lossen. Tegen de tijd dat we zover zijn, hebben we hopelijk een zo goed als afgelost huis en geeft dat ons veel vrijheid om te kiezen voor wat we echt willen. Maar goed, tien jaar is nog natuurlijk nog absurd ver weg en wie weet wat er in de tussentijd nog gebeurt of verandert.  Tot die tijd spiek ik soms op Funda, kijken  naar ‘wat als en dat is ook mooi maar van binnen valt het wat tegen maar wat als je nu dat muurtje wegbreekt‘…zo dus.

dit is natuurlijk niet haalbaar, maar toch hè….

Voldoet jouw huis aan de wensen die je op woongebied hebt?

Jaag jij jouw droom na of die van een ander?

Durven dromen maakt dat we vleugels krijgen en geeft ons motivatie om vooruit te kijken, doelen te stellen en plannen te maken. Als je chronisch ziek bent is dat moeilijk en soms ook pijnlijk en confronterend. Ik kan wel dromen maar heb niet goed in de hand hoe mijn lijf reageert dus ik weet niet of ik mijn dromen ooit kan waarmaken. Toch hoop ik ooit weer gezond te zijn en mijn eigen geld te kunnen verdienen. Ik zou willen dat ik de nieuwe Jamie Oliver was of Nigella en dat iedereen juichend mijn recepten uitprobeert en dat ik dan net zo lach als Nigella in de camera als ik uitleg wat voor heerlijks je allemaal met pastinaak kunt doen en wat we kunnen maken met knolselderij en dan laat ik zien wat ik allemaal in mijn supervriezer heb zitten …dat doe ik dan vanuit zo’n geweldig grote keuken met een gigantische tafel in het midden, waar je uren aan kan zitten en eindeloos hapjes kunt proeven zonder een gram aan te komen..en daar verdien ik dan mijn geld mee……

Zoiets dus, maar of dat haalbaar is? Ik sta al zo lang buiten het werkzame leven dat ik soms helemaal vergeet hoe het er aan toe gaat in de buitenwereld. En ik ben zeker vergeten hoe ik was toen ik werkte.

Ik vrees dat ik aan het eind van de werkdag eruit zag als Garfield in een ontplofte keuken. Waarbij ik bijzonder zelfingenomen was en niet door had dat ik vaak de verborgen agenda van een ander uitvoerde en regelmatig het gevoel had dat ik helemaal leeggezogen werd. Dat is me in al mijn banen tot nu toe gebeurd, ik heb in de uitgeverijwereld gewerkt, ben kok geweest, klantenservicemedewerker, klachtenbehandelaar, kwaliteitsmedewerker (wat dat dan ook in godsnaam mag zijn!) en procesmanager (nog zoiets ongrijpbaars). Het merendeel van deze banen is me ‘overkomen’ (behalve die van kok) en niet het gevolg van een bewuste keuze (Ja! Nu word ik kwaliteitsmedewerker!). De functies werden me aangeboden en ik stapte in op de trein, gevleid door de vraag. En zo rolde het werkende bestaan zich uit, steeds verder verwijderd van waar ik voor sta en wat ik belangrijk vind in het leven.

Het kunnen rondkomen van minder inkomen en het consuminderen hebben mij geleerd om anders naar werk en geld te kijken. Ten eerste kunnen we met veel minder toe dan we dachten en ten tweede merken we dat we ons ook rijk kunnen voelen terwijl er minder geld binnenstroomt. Deze kennis heeft gevolgen voor eventuele toekomstplannen. Zo aan de zijlijn staand, zie ik mensen bij bosjes omvallen van de stress, ondertussen geld uitgevend alsof er niets anders te doen is. Geld maakt afhankelijk, want je went aan een niveau van bestedingen en je bent -lijkt wel – continue bezig dat niveau in stand te houden. Als je uit die ratrace stapt, zie je dat geld er weliswaar toe doet (je moet immer je huis betalen) maar dat geld ook erg verbonden is met emotie, frustratie en stress. En dat wil ik niet meer.

Mijn droom is daarom meer zelfkennis bij het uitvoeren van plannen die matchen met mijn kwaliteiten en mogelijkheden. Mijn droom is ook dat ik iets doe waarbij ik niet mezelf volledig sloop om maar geld te verdienen. Want van geld word ik niet gelukkig. Ik hoop dat ik ditmaal keuzes maak met meer besef van realiteit en zelfvertrouwen. Dat ik ga doen waar ik blij van word en wat binnen mijn mogelijkheden ligt en niet waar ik het meeste geld mee verdien. Dat ik de kans grijp om te schrijven en iets met voeding te gaan doen, eindelijk een kookboek te gaan schrijven. Dat ik door me te focussen op mezelf en mijn eigen kwaliteiten, eindelijk eens ergens kom in plaats van dat ik blijf steken in de plannen van anderen. Als ik  later groot ben en beter…

En jij, waar droom jij van?