Voorjaar!

3d797-csc_0137

Foto van een paar jaar terug, bij ons achter in de sloot

 

Nu weet ik het zeker, het is voorjaar! In de tuin komt al van alles op. Ik noem geen namen van planten want ik kan nog geen krokus van een blauw druifje onderscheiden,maar het ziet er leuk en voorjaarsachtig uit. Het licht is anders, het ruikt anders en ik heb al een paar keer gehad dat ik de verwarming vergat aan te zetten omdat het naar binnen schijnende zonlicht voldoende warmte gaf. Ik zat zelfs ook al een keer in het halletje met de deur open, kop in de zon en genieten maar.

De definitieve bevestiging van komende goede tijden is de terugkeer van de zwanen in de sloot bij ons achter. Zien we die dan weten we dat er weer warmere tijden aanbreken. Vaak bouwen ze hun nest aan de overkant van de sloot, bijna pal tegenover onze tuin en hebben wij zicht op het broeden en het opgroeien van de kleine zwaantjes.

Helaas zijn er geen zwarte zwanen meer, die hadden we vroeger ook in de sloot en het park. Die zijn heel vriendelijk van aard en maken schattige geluiden, om verliefd op te worden en hun veren krullen zo mooi om.

In plaats daarvan hebben we de laatste jaren een wit zwanenkoppel. Ook heel mooi en sierlijk maar wel een stuk agressiever. Soms is het wel een uitdaging om de tuin uit te lopen en de steeg door te gaan. Ze zijn niet altijd gediend van mensen. Tegelijkertijd sissen ze wel “eten! eten!” en komen dan helemaal omhoog, wat nogal dreigend overkomt.

Maar toch, ze zijn er weer. Nu is het officieel, het is voorjaar!

d1ffa-dsc_0040

 

Ochtendlicht en uitzicht

Sinds drie maanden ga ik twee keer per week naar de huisarts, voor een b12 injectie. Altijd op dezelfde tijd, tien voor negen in de ochtend. En dus ben ik voor het eerst sinds jaren ineens vaker op straat in de ochtend. De eerste weken was dat een aanslag op mijn lijf. Opstarten ging meestal moeizaam en het duurt vaak een paar uur voor de pijn wegzakt. Maar inmiddels merk ik echt wel de positieve effecten van de B12 en is dat geen issue meer. Nu overheersen de voordelen van het vroeger buiten zijn.

Als het even kan, loop ik naar de praktijk. Een wandeling van 10 tot 15 minuten. Daar kan ik even bijkomen omdat ik altijd even moet wachten tot ze me roepen. Dan krijg ik de injectie en loop ik weer terug. Die route is best mooi, hier de wijk uit en dan over een brug waar ik elke keer weer een fenomenaal uitzicht heb op de opkomende zon richting het IJsselmeer. En dat doet me goed. Heel goed. Ondanks de auto’s die ook daar rijden, voel ik op die plek altijd het oude van de stad. Ik geniet ervan om in een oude stad te wonen. Dat is een onbedoeld en onverwacht bij-effect van het prikken, twee keer per week een wandeling met uitzicht op moois. En dát ik die wandeling kán doen is natuurlijk super.

afb. afkomstig van oud hoorn.nl

Wandelmaatje

Katten zijn enorme gewoontedieren. Als ik twee avonden achter elkaar rond een uur of 8 wat lekkers geef, is mijn uitzicht op de derde avond vier katten op een rij die me aanstaren met een spandoek waarop staat: ‘lekkers, nu!’

Zo hebben ze ook vaak vaste slaapplekken en een verdeling op het bed,  ‘jij hier en ik daar en jullie twee in het midden’. Dat wordt dan weken nageleefd tot er iets gebeurt en er een andere orde wordt opgezocht en nageleefd.

Nu ik dagelijks een klein loopje doe en dat bovendien telkens op ongeveer dezelfde tijd, had kat Moos dat snel door. Op dag 1 zag hij me bij terugkomst en begroette me luid miauwend. Op dag 2 kwam hij me gillend tegemoet rennen. En op dag 3 zat hij bij de voordeur klaar voor vertrek en begeleidde me tijdens mijn loopje, miauwend en gillend.

In het park is het wel erg spannend voor hem, maar ach voor mij ook ;-). Hij klimt af en toe in een boom als er een hond te dichtbij komt en is overduidelijk opgelucht als ik me weer omdraai. Dus nu heb ik een wandelmaatje. Dat overigens veel bekijks trekt want veel mensen willen weten of de kat bij mij hoort, waarom hij achter me aanloopt en waarom hij zo gilt.

Het is niet voor het eerst dat een kat me achterna loopt. In mijn jeugd liep onze rode kater Floris regelmatig met me mee naar school. Hij zat me soms ook op te wachten op de stenen muur van school, wachtend tot ik weer tevoorschijn kwam. Kater Job achtervolgde me naar de peuterspeelzaal waar ik S. naar toe bracht. Daar ging hij (de kat, niet het kind) op zijn achterpoten staan en tikte met zijn voorpoten tegen de ramen, onder luid gegil. Ook liep hij wel met me mee naar de binnenstad, een keer zelfs tot de deuren van de Hema waar ik naar toe ging voor een boodschap. Ik durfde hem daar niet achter te laten dus keerde ik zonder spullen weer om.

Veel mensen zijn ervan overtuigd dat katten geen roedeldieren zijn en zich meer aan een plek hechten dan aan het baasje, maar die katten moet ik blijkbaar nog tegenkomen.


Genieten

Sinds ik bij de Buteykotherapeut onder behandeling ben, krijgt het aspect bewegen een heel andere lading. Niet ‘bewegen van A naar B’ of ‘sneller en vaker bewegen’, maar ‘bewegen met de mond dicht en zonder buiten adem te raken’ is de leidraad. Dat is een uitdaging! Ik loop nu zo langzaam (of zo snel, t is maar vanuit welk perspectief je bekijkt) als een 1-jarige aan de hand van zijn moeder. Echt.
Dat maakt niet uit. Evengoed kan ik zo de grenzen verleggen ;-). Want als ik dit regelmatig doe, hoop ik toch minder snel buiten adem te raken.

Cruciaal bij deze manier van bewegen is dat ik zo langzaam beweeg dat ik geen melkzuur aanmaak en dat ik alleen nog maar door de neus ademhaal. Omdat er bij mij niet voldoende zuurstof naar de spieren gaat, loop ik op melkzuur. Maar loop ik zo langzaam dat ik niet buiten adem raak, wel, dan loop ik niet op melkzuur. Maar ik loop wel. Tussentijds sta ik stil om de ademhaling kalm te houden want och, wat is de conditie slecht (lees hier als je meer wilt weten over ME/CVS). En dan maak ik natuurlijk foto’s van wat ik onderweg tegenkom met mijn nieuwe speeltje. Dit is 5 minuten van mijn huis vandaan…

 De getergde blik zegt niets over mijn vermogen tot genieten.
Blijkbaar kijk ik zo als ik geniet 😉

 Het ontvangstcomité

Genieten met een Hoofdletter

Kat Gerrie woont nu precies één jaar bij ons. Hij kwam vorig jaar eind augustus de keuken binnenwandelen, na ruim 2 jaar voorverkenningen te hebben gedaan en sindsdien is het snel gegaan. Vanaf oktober sliep hij ook in de nacht binnen en in maart werd hij gecastreerd en gechipt. En daarvoor en daarna werkten we hard aan zijn socialisatie. Hij was niet gewend om aangeraakt te worden, had overduidelijk nog nooit in een huis gewoond en was niet gewend om met andere katten om te gaan. Hij keek dan ook zijn ogen uit om te achterhalen hoe de interactie tussen mens en dier en kat en kat hier ging in huis. En hij leerde snel. Heel snel.

Deze kat lijkt echt helemaal niets te hebben overgehouden aan zijn toch behoorlijk heftige verleden. Oké, hij wantrouwt nieuwe mensen die hier op bezoek komen en houdt gepaste afstand. Maar kom je hier regelmatiger langs, dan komt hij uiteindelijk toch wel even snuffelen. Maar buiten dat vind ik hem buitengewoon sociaal en relaxt geworden. Hij speelt, knuffelt, ligt tegen ons aan en tussen ons in, kletst ons de oren van de kop, laat zich kammen en ontvlooien, eet alles wat hem voorgezet wordt met smaak op (en vraagt onmiddellijk om meer) en straalt 24 uur per dag uit dat hij Heel Erg Gelukkig Is. En dat is zo fijn om te merken. Want hoewel ik dol ben op al onze katten zal Moos altijd zijn moodswings houden,, is Smoes altijd nerveus en is Dibbes nu eenmaal enorm hysterisch. Maar Gerrie is gewoon Gerrie. Helemaal zichzelf en heel erg gelukkig.

Zeehonden gespot


  

Na jaren 
van bankliggen
wordt het kleine groot
en het grote klein.
Genieten
kan op veel manieren
maar och wat is het fijn
om ook eens gewoon mee te gaan.
Ik zat op de boot,
keek om me heen
en zag dingen
die ik een paar jaar geleden
niet meer had verwacht 
te kunnen zien.
De zorgeloosheid
van kunnen uitwaaien,
zeehonden spotten,
‘gewoon’ met zijn 3-en
op stap zijn,
is onbetaalbaar.
En fijn,
héél fijn.
 

Op zoek naar zeehonden

Als een kind zo blij zit ik op de bank. In afwachting van straks. Vandaag gaan we op stap. We gaan iets doen wat ik al heel lang wil doen: met een robbenboot mee! Opstappen in Den Oever, varen en ondertussen genieten van de zee en dan na een tijdje is het de bedoeling dat we heel veel zeehonden gaan zien.

Man en kind maakten deze boottocht een paar jaar geleden. Ik was toen te ziek om mee te gaan. Hoewel ik dat wel gewend was (en ben) om vaker niet dan wel mee te gaan, baalde ik die keer toch wel enorm. Nu een paar jaar later ben ik behoorlijk opgeknapt in vergelijking met toen. Zitten in een boot moet lukken. Dus gaan we! En hoop ik dat de zeehonden zich nu wel laten zien, want toen M. en S. een paar jaar geleden zijn geweest, hebben ze heel veel gezien en kwamen ze dol enthousiast terug maar een zeehond was niet gespot….nu wel hoop ik!

Ontspanning

Eindelijk had ik weer eens een redelijk goede week. De week hiervoor had ik vooral plat doorgebracht en ook het afgelopen weekend was heel rustig omdat de mannen op stap waren naar een familieweekend met kookworkshop. Ik merkte dat de rust me echt goed deed en deze week verliep daardoor beduidend relaxter.

Hoogtepunt voor mij was een middagje sauna. Het was echt lang geleden dat ik dat had gedaan. 5 minuten van ons huis is een grote sauna waar het heerlijk toeven is. Dat ik er echt lang niet was geweest was bleek wel uit het feit dat er inmiddels een paar sauna’s bij gebouwd waren. Een daarvan is met zoutstenen en die stenen geven niet alleen warmte af maar stralen ook een heel fijn zacht licht uit. Bovendien is de temperatuur in deze sauna niet zo hoog (60 graden, terwijl in de meeste sauna’s de temperatuur rond de 80-95 graden is) waardoor het voor mij goed vol te houden was.

zoutsteencabine van sauna Suomi, Hoorn, afb. afkomstig van hun site

Later las ik dat dit zoutsteen – uit het Himalayagebergte – trouwens voor van alles en nog wat goed is. De mineralen in het zoutsteen hebben een medicinale werking.  Het is goed voor de stofwisseling, de luchtwegen en de werking van de schildklier. Door de lagere temperatuur kun je er bovendien met gemak een half uur inzitten, zo niet langer. Ik vond het in ieder geval top.

Wat ik bijzonder fijn vond om te merken is dat mijn lichaam nu heel anders reageerde dan pak em beet twee jaar geleden. Toen ging ik ook af en toe naar de sauna omdat de warmte een goed effect had op mijn spierpijnen die ik toen door de ME heel veel had. Ook vond ik het goed om af en toe flink te zweten omdat ik natuurlijk nooit kon sporten. Ik had het idee dat ik zo flink afvalstoffen kon afvoeren. Maar ik kon hooguit 2 tot 3 minuten per keer in de sauna zitten en dat maximaal drie keer. Een saunabezoek was bij mij dan ook snel voorbij. Aan- en uitkleden was erg inspannend en mijn moeder bracht en haalde me soms met de auto, terwijl het hier dus zowat om de hoek is! De dagen na een saunabezoek kon ik niets doen.

Nu merkte ik echt een enorm verschil. Aan- en uitkleden is geen gedoe meer. Ik ging 3 keer in de infraroodsauna (want die spieren zijn weliswaar niet mee zo pijnlijk maar nog steeds wel een issue), een keer in de tulisauna (houtgestookt, dus heerlijk in een vuurtje staren) en een keer in de zoutsteensauna. Al met al was ik zoet van half 2 tot bijna half 6. Ik kon per keer veel langer in de sauna blijven. Ik had twee dagen na het bezoek wel een typische ME-terugslagdag (reageren met vertraging op een inspanning is kenmerkend voor ME) maar ik heb lekker uitgeslapen en veel plat gelegen en toen was het wel weer klaar.

Ook merkte ik vooruitgang aan andere dingen. Ik kon me daar makkelijker ontspannen en vrouwen die luidkeels aan het kletsen waren buitensluiten. Lawaai en prikkels storen me minder. Ik zat op een gegeven moment gewoon heerlijk te mediteren in de zoutsteensauna en wat er om me heen gebeurde boeide me en raakte me niet.

Ik ben er nog lang niet en prikkels buitensluiten in een sauna gaat makkelijker dan prikkels buitensluiten op de markt of in een druk café, maar ik vind het wel heel bemoedigend. Soms vergeet ik waar ik vandaan kom. De slechte dagen van nu zijn de topdagen van een paar jaar geleden. Dat is goed om mezelf voor ogen te houden als ik me eens zielig voel.

Het beviel zo goed dat ik me heb voorgenomen voortaan één keer in de maand een middagje sauna te doen. Ga ik betalen van mijn zakgeld. Als het vakantiegeld dan binnen is, neem ik een 10-badenkaart, dat scheelt aanzienlijk.

Ben jij ook zo dol op de sauna of vind je het helemaal niets?

ps: op mijn eetblog vandaag een opgewekt praatje over poep

Genieten van wat kan

Dibbes

Kijk, zo voelde ik me de afgelopen dagen: ik zie niets, ik voel niets en ik doe net alsof ik er niet ben.  Dus nam ik ook de telefoon niet op, al rinkelde die meerdere keren. Vrijdagmiddag ben ik in bed gaan liggen en ik ben er net uitgekropen. Ik zit nu beschilderd en al op de bank, bijna klaar om weg te gaan. Ik kijk niet in de spiegel, dan zie ik lekker ook niet die kringen onder mijn ogen.

Ergens deze zomer kwamen we erachter dat Ibrahim Maalouf vanavond optreedt, een Frans-Libanese trompettist wiens muziek me enorm raakt. Omdat ik op dat moment zo goed was, besloten we kaartjes te kopen voor ons 3tjes. Voor het eerst in jaren ga ik naar een concert! En voor het eerst ga ik samen met mijn kind naar een concert!

Omdat ik de afgelopen periode slechter was dan ik had verwacht – het herstel van mijn activiteiten eind september bleef uit – begon ik me wat zorgen te maken. Dus deed ik de afgelopen weken weinig. Vrijdag realiseerde ik me dat dit niet ging zoals gehoopt, kroop ik in bed en verroerde me niet.

Wat is wijsheid? Ja, wat is wijsheid. Niet gaan en een waarschijnlijk prachtig concert missen waar ik me echt maanden op heb verheugd? De vreugde vooraf was des te groter omdat ik een paar jaar geleden niet had durven dromen ooit weer zoiets te kunnen doen. Wél gaan en de klap voor lief nemen, in de hoop dat de klap morgen komt en niet als ik straks in de zaal ben?

Ik heb 2 dagen in bed gelegen en gedacht: ‘ik ga gewoon, het gaat lukken, ik ga genieten en ook als ik moe ben kan ik de muziek horen.’  Maar het gaat natuurlijk niet alleen om vanavond maar om wat er na vanavond gebeurt. Ik heb besloten dat ik liever terugkijk op een avond met mooie muziek (en lekkere stoelen, die zijn er, dat weet ik zeker) dan het verdriet om weer eens iets niet door te kunnen laten gaan.

Dus laat maar komen muziek, de klap, het nagenieten en wat nog meer. Ik laat het gewoon over me heen komen en zet me niet schrap. Want dat kost energie. Ik stroom mee met wat er gebeurt. En voor de zekerheid neem ik oordopjes mee voor het geval het geluid te overweldigend is…

Nieuwsflits

Zo, daar ben ik even. Heel langzaam gaat het de goede kant uit. Ik pakte mijn behandeling weer op en gleed naadloos in een vertrouwde routine. Ik mis het bloggen wel – heel erg – maar het geeft ook rust. Vooral het feit dat ik nu minder mails krijg doet wonderen voor mijn energie. Ik besef me dat het niet zozeer het bloggen is, als wel alles erom heen dat energie vreet.

Eén van de fijne dingen van het blog vind ik zelf dat er vaak een levendige uitwisseling is van opvattingen. Jullie reageren op mij en op elkaar en dat voegt vaak wat toe. Het slokt me ook op, want op sommige stukjes krijg ik stapels reacties en dat ‘moet allemaal worden gelezen’. Dat klinkt negatiever dan het is want ik geniet er ook van. Ook word ik vaak gemaild. Door lieve mensen die vertellen hoeveel ze aan mijn blog hebben. Door mensen die schulden hebben en willen dat ik een begroting voor ze maak. Door mensen die hun verhaal aan me kwijt willen. Door mensen die vinden dat ik meer aandacht aan het één en minder aandacht aan het ander moet schenken. Door mensen die me schrijfopdrachten geven. Door mensen die familieleden hebben die niet met geld kunnen omgaan en of ik die mensen kan helpen. Door mensen die hun aflosverhaal hier deden en nu een update willen plaatsen, of ik even nieuwe vragen wil verzinnen.Door mensen die bij een therapeut, een mediator en de huisarts zijn geweest wat niet hielp en of ik ze nu dan wel kan helpen. Door mensen die hun baan kwijt raken en in paniek zijn. Door mensen die geen geld hebben voor het vrijgezellenfeest van hun beste vriendin en willen weten wat ze moeten doen. Door mensen die me vertellen dat ik een trut ben. Door mensen die me vertellen dat ik geweldig ben. Door mensen die me vragen of ze mijn boek mogen uitgeven. Door mensen die me vertellen dat ik reclame voor ze moet maken…..

Ook is het de zelf opgelegde discipline van 6 dagen in de week een stukje plaatsen dat me heeft opgebroken. Zoals iemand treffend omschreef: alles bij elkaar begint het verdomd veel op werk te lijken. En dat is nu net wat ik nog niet aan kan. ME hebben is geen kattenpis. Ik moet elke dag weer opnieuw afwegingen maken wat ik doe met de beschikbare energie. De laatste tijd heb ik langdurig ‘in het rood gestaan’ en ik ben hard bezig weer een energiebuffer te bouwen. Als die buffer er weer is, kom ik terug, hoe en op wat voor manier weet ik nog niet. Kortere stukjes? Minder vaak een stukje plaatsen? Mogelijkheid tot reageren uitzetten? Ik weet het nog niet, daar ga ik nog lekker even over nadenken. Maar eerst opladen, bijkomen, bijtanken…

Dus volg ik nu een laptopdieet: ik steek de energie nu vooral in buiten zijn, ik lees veel, ik ben druk bezig met de behandeling (dat slokt veel tijd op) en ik geniet van het mooie weer. Ik ben de afgelopen week een paar keer in de avond naar een voetbaltraining van S. gaan kijken en dat voelt goed aangezien ik drie weken geleden nog meteen na het avondeten mijn bed indook, helemaal op.

Tot zover de nieuwsflits. Bedankt voor het meeleven allemaal. Tot snel.