Offline

Doei, ik ben er even niet!

Advertenties

Genieten

Al geruime tijd ben ik op zoek naar meer Pippi in mijn leven. Ik snak naar wat afwisseling, spontaniteit en gekkigheid. Niet zo raar als je al 10 jaar thuis zit met veel beperkingen. Maar zomaar er op uit gaan wordt steeds ingewikkelder, lijkt het. Ik besef dat ik zelf mijn grootste vijand word. Ook vanwege de continu afweging: is dit een terugslag  waard? Durf ik het risico te nemen dat ik hiermee een terugslag van dagen of weken krijg? 

Want erop uit gaan, daar zitten haken en ogen aan. Juist afwisseling en spontaniteit vergroten de kans dat ik mezelf een terugslag bezorg. Tegelijkertijd zorgt het ook voor kunnen (na)genieten. En het gevoel te hebben dat ik weer een stukje van de buitenwereld heb kunnen zien, en de buitenwereld weer een stukje van mij.

Pippi vinden gaat niet heel soepel. Ik vind het een grote uitdaging  (lees retemoelilijk) om uit de overlevingsstand te komen en keuzes te maken voor spontaniteit. Inmiddels heb ik toch echt wel een beweegangst en activiteitenangst. Ik blijf worstelen met het kunnen doen van de dagelijkse dingen en elk afwijkend iets is dan vaak gewoon te veel. Zowel fysiek als mentaal.

Ook worstel ik met het bewaken van mijn energie. Die vervliegt nog veel merk ik. Ik geef nog veel te vaak de energie weg. Op dit moment heb ik een groot energielek waar ik omwille van privacy niet op in wil gaan omdat er een ander bij betrokken is.

Het is me hierdoor wel duidelijk dat zelfs na zó lang thuis zijn zonder vaste verplichtingen ik nog steeds niet echt de baas ben over mijn eigen tijd. Ik kan in principe douchen, eten, rusten wanneer ik wil. Maar word hier toch vaak in belemmerd door de toestand van mijn lijf of de aandacht die er naar het energielek gaat.

Ook zijn er andere energielekken. Zoals het laten plaatsen van een nieuwe meter. Wat hooguit een uurtje zou duren werd een urenlange toestand omdat na het plaatsen van de nieuwe meter het gasfornuis het niet meer deed. En de ketel niet meer aanging. Dus lag ik met de meterman op mijn knieën voor het fornuis en voor de ketel in de schuur. Belde ik de man een paar keer op kantoor met vragen als ‘weet jij of er een beveiligingsklep op het gasfornuis zit en zo ja waar zit dat ding’.

Dat zijn natuurlijk gewoon de dingen van de dag die kunnen gebeuren. Maar omdat er nul reserve is, trek ik het slecht en voelt mijn lijf erna aan alsof er overal naalden in mijn zenuwen worden geprikt.

Maar dit stuk ging over genieten en niet over klagen. Ik neem me vaak voor meer te genieten. Vreemg genoeg lukt dat in de winter beter. Als het buiten donker is en ik op de bank met thee, kat, boek en kaarsen aan zit, ben ik al snel heel blij en tevreden. In de zomer voel ik me over het algemeen iets beter maar worden verlangens vaak ook groter. Dan wil ik EROP UIT.

Dat is precies de reden dat ik de scooter en de rolstoel heb gekocht, om dat meer mogelijk te maken. Dus toen de man gisteren vroeg of ik zin had op de dijk te toeren, was dat geen vreemde vraag. En toch schoot ik vrijwel meteen in de weerstand. Want ik moest nog koken en weet dan niet hoe ik erna er aan toe ben. En ik moest nog (*&*&^&(&T^())(.

Als je mij zo hoort heb ik een heel druk bestaan maar niets is minder waar. Ik kan gewoon niet meer schakelen. Zomaar zeggen we gaan NU weg, is iets wat ik verleerd ben. Maar afijn, de levenslust was gisteren toch groter dan de stem van de zeurkous in mijn brein en we gingen. En het was goed. Windje, zon er bij, blik op het IJsselmeer, de mannen op hun fiets, ik op de scooter. Zelfs nog op een terrasje gezeten.

Ik besefte dat ik dit bijna nooit doe. Zomaar ergens naar toe gaan. Mezelf uit mijn soms wat deprimerende situatie halen. Ik besef ook dat daar een reden voor is. Wat niet kan, kan niet. Ik kan wel zoveel willen maar heel vaak lukt het gewoon niet. Maar gisteren lukte het wel. En vandaag geniet ik na. En neem ik de pijn voor lief. En hoop ik dat ik snel weer mezelf er toe kan zetten erop uit te gaan.

Voor mezelf kiezen heeft een dubbele lading. Het betekent beter mijn grenzen bewaken – zodat ik de baas over mijn energie ben en niet een energievreter – maar het ook zien wanneer het beter is om eens uit mijn comfortzone te stappen en die grenzen juist wat los te laten.

 

Voorjaar!

3d797-csc_0137

Foto van een paar jaar terug, bij ons achter in de sloot

 

Nu weet ik het zeker, het is voorjaar! In de tuin komt al van alles op. Ik noem geen namen van planten want ik kan nog geen krokus van een blauw druifje onderscheiden,maar het ziet er leuk en voorjaarsachtig uit. Het licht is anders, het ruikt anders en ik heb al een paar keer gehad dat ik de verwarming vergat aan te zetten omdat het naar binnen schijnende zonlicht voldoende warmte gaf. Ik zat zelfs ook al een keer in het halletje met de deur open, kop in de zon en genieten maar.

De definitieve bevestiging van komende goede tijden is de terugkeer van de zwanen in de sloot bij ons achter. Zien we die dan weten we dat er weer warmere tijden aanbreken. Vaak bouwen ze hun nest aan de overkant van de sloot, bijna pal tegenover onze tuin en hebben wij zicht op het broeden en het opgroeien van de kleine zwaantjes.

Helaas zijn er geen zwarte zwanen meer, die hadden we vroeger ook in de sloot en het park. Die zijn heel vriendelijk van aard en maken schattige geluiden, om verliefd op te worden en hun veren krullen zo mooi om.

In plaats daarvan hebben we de laatste jaren een wit zwanenkoppel. Ook heel mooi en sierlijk maar wel een stuk agressiever. Soms is het wel een uitdaging om de tuin uit te lopen en de steeg door te gaan. Ze zijn niet altijd gediend van mensen. Tegelijkertijd sissen ze wel “eten! eten!” en komen dan helemaal omhoog, wat nogal dreigend overkomt.

Maar toch, ze zijn er weer. Nu is het officieel, het is voorjaar!

d1ffa-dsc_0040

 

Ochtendlicht en uitzicht

Sinds drie maanden ga ik twee keer per week naar de huisarts, voor een b12 injectie. Altijd op dezelfde tijd, tien voor negen in de ochtend. En dus ben ik voor het eerst sinds jaren ineens vaker op straat in de ochtend. De eerste weken was dat een aanslag op mijn lijf. Opstarten ging meestal moeizaam en het duurt vaak een paar uur voor de pijn wegzakt. Maar inmiddels merk ik echt wel de positieve effecten van de B12 en is dat geen issue meer. Nu overheersen de voordelen van het vroeger buiten zijn.

Als het even kan, loop ik naar de praktijk. Een wandeling van 10 tot 15 minuten. Daar kan ik even bijkomen omdat ik altijd even moet wachten tot ze me roepen. Dan krijg ik de injectie en loop ik weer terug. Die route is best mooi, hier de wijk uit en dan over een brug waar ik elke keer weer een fenomenaal uitzicht heb op de opkomende zon richting het IJsselmeer. En dat doet me goed. Heel goed. Ondanks de auto’s die ook daar rijden, voel ik op die plek altijd het oude van de stad. Ik geniet ervan om in een oude stad te wonen. Dat is een onbedoeld en onverwacht bij-effect van het prikken, twee keer per week een wandeling met uitzicht op moois. En dát ik die wandeling kán doen is natuurlijk super.

afb. afkomstig van oud hoorn.nl

Wandelmaatje

Katten zijn enorme gewoontedieren. Als ik twee avonden achter elkaar rond een uur of 8 wat lekkers geef, is mijn uitzicht op de derde avond vier katten op een rij die me aanstaren met een spandoek waarop staat: ‘lekkers, nu!’

Zo hebben ze ook vaak vaste slaapplekken en een verdeling op het bed,  ‘jij hier en ik daar en jullie twee in het midden’. Dat wordt dan weken nageleefd tot er iets gebeurt en er een andere orde wordt opgezocht en nageleefd.

Nu ik dagelijks een klein loopje doe en dat bovendien telkens op ongeveer dezelfde tijd, had kat Moos dat snel door. Op dag 1 zag hij me bij terugkomst en begroette me luid miauwend. Op dag 2 kwam hij me gillend tegemoet rennen. En op dag 3 zat hij bij de voordeur klaar voor vertrek en begeleidde me tijdens mijn loopje, miauwend en gillend.

In het park is het wel erg spannend voor hem, maar ach voor mij ook ;-). Hij klimt af en toe in een boom als er een hond te dichtbij komt en is overduidelijk opgelucht als ik me weer omdraai. Dus nu heb ik een wandelmaatje. Dat overigens veel bekijks trekt want veel mensen willen weten of de kat bij mij hoort, waarom hij achter me aanloopt en waarom hij zo gilt.

Het is niet voor het eerst dat een kat me achterna loopt. In mijn jeugd liep onze rode kater Floris regelmatig met me mee naar school. Hij zat me soms ook op te wachten op de stenen muur van school, wachtend tot ik weer tevoorschijn kwam. Kater Job achtervolgde me naar de peuterspeelzaal waar ik S. naar toe bracht. Daar ging hij (de kat, niet het kind) op zijn achterpoten staan en tikte met zijn voorpoten tegen de ramen, onder luid gegil. Ook liep hij wel met me mee naar de binnenstad, een keer zelfs tot de deuren van de Hema waar ik naar toe ging voor een boodschap. Ik durfde hem daar niet achter te laten dus keerde ik zonder spullen weer om.

Veel mensen zijn ervan overtuigd dat katten geen roedeldieren zijn en zich meer aan een plek hechten dan aan het baasje, maar die katten moet ik blijkbaar nog tegenkomen.


Genieten

Sinds ik bij de Buteykotherapeut onder behandeling ben, krijgt het aspect bewegen een heel andere lading. Niet ‘bewegen van A naar B’ of ‘sneller en vaker bewegen’, maar ‘bewegen met de mond dicht en zonder buiten adem te raken’ is de leidraad. Dat is een uitdaging! Ik loop nu zo langzaam (of zo snel, t is maar vanuit welk perspectief je bekijkt) als een 1-jarige aan de hand van zijn moeder. Echt.
Dat maakt niet uit. Evengoed kan ik zo de grenzen verleggen ;-). Want als ik dit regelmatig doe, hoop ik toch minder snel buiten adem te raken.

Cruciaal bij deze manier van bewegen is dat ik zo langzaam beweeg dat ik geen melkzuur aanmaak en dat ik alleen nog maar door de neus ademhaal. Omdat er bij mij niet voldoende zuurstof naar de spieren gaat, loop ik op melkzuur. Maar loop ik zo langzaam dat ik niet buiten adem raak, wel, dan loop ik niet op melkzuur. Maar ik loop wel. Tussentijds sta ik stil om de ademhaling kalm te houden want och, wat is de conditie slecht (lees hier als je meer wilt weten over ME/CVS). En dan maak ik natuurlijk foto’s van wat ik onderweg tegenkom met mijn nieuwe speeltje. Dit is 5 minuten van mijn huis vandaan…

 De getergde blik zegt niets over mijn vermogen tot genieten.
Blijkbaar kijk ik zo als ik geniet 😉

 Het ontvangstcomité

Genieten met een Hoofdletter

Kat Gerrie woont nu precies één jaar bij ons. Hij kwam vorig jaar eind augustus de keuken binnenwandelen, na ruim 2 jaar voorverkenningen te hebben gedaan en sindsdien is het snel gegaan. Vanaf oktober sliep hij ook in de nacht binnen en in maart werd hij gecastreerd en gechipt. En daarvoor en daarna werkten we hard aan zijn socialisatie. Hij was niet gewend om aangeraakt te worden, had overduidelijk nog nooit in een huis gewoond en was niet gewend om met andere katten om te gaan. Hij keek dan ook zijn ogen uit om te achterhalen hoe de interactie tussen mens en dier en kat en kat hier ging in huis. En hij leerde snel. Heel snel.

Deze kat lijkt echt helemaal niets te hebben overgehouden aan zijn toch behoorlijk heftige verleden. Oké, hij wantrouwt nieuwe mensen die hier op bezoek komen en houdt gepaste afstand. Maar kom je hier regelmatiger langs, dan komt hij uiteindelijk toch wel even snuffelen. Maar buiten dat vind ik hem buitengewoon sociaal en relaxt geworden. Hij speelt, knuffelt, ligt tegen ons aan en tussen ons in, kletst ons de oren van de kop, laat zich kammen en ontvlooien, eet alles wat hem voorgezet wordt met smaak op (en vraagt onmiddellijk om meer) en straalt 24 uur per dag uit dat hij Heel Erg Gelukkig Is. En dat is zo fijn om te merken. Want hoewel ik dol ben op al onze katten zal Moos altijd zijn moodswings houden,, is Smoes altijd nerveus en is Dibbes nu eenmaal enorm hysterisch. Maar Gerrie is gewoon Gerrie. Helemaal zichzelf en heel erg gelukkig.

Zeehonden gespot


  

Na jaren 
van bankliggen
wordt het kleine groot
en het grote klein.
Genieten
kan op veel manieren
maar och wat is het fijn
om ook eens gewoon mee te gaan.
Ik zat op de boot,
keek om me heen
en zag dingen
die ik een paar jaar geleden
niet meer had verwacht 
te kunnen zien.
De zorgeloosheid
van kunnen uitwaaien,
zeehonden spotten,
‘gewoon’ met zijn 3-en
op stap zijn,
is onbetaalbaar.
En fijn,
héél fijn.
 

Op zoek naar zeehonden

Als een kind zo blij zit ik op de bank. In afwachting van straks. Vandaag gaan we op stap. We gaan iets doen wat ik al heel lang wil doen: met een robbenboot mee! Opstappen in Den Oever, varen en ondertussen genieten van de zee en dan na een tijdje is het de bedoeling dat we heel veel zeehonden gaan zien.

Man en kind maakten deze boottocht een paar jaar geleden. Ik was toen te ziek om mee te gaan. Hoewel ik dat wel gewend was (en ben) om vaker niet dan wel mee te gaan, baalde ik die keer toch wel enorm. Nu een paar jaar later ben ik behoorlijk opgeknapt in vergelijking met toen. Zitten in een boot moet lukken. Dus gaan we! En hoop ik dat de zeehonden zich nu wel laten zien, want toen M. en S. een paar jaar geleden zijn geweest, hebben ze heel veel gezien en kwamen ze dol enthousiast terug maar een zeehond was niet gespot….nu wel hoop ik!

Ontspanning

Eindelijk had ik weer eens een redelijk goede week. De week hiervoor had ik vooral plat doorgebracht en ook het afgelopen weekend was heel rustig omdat de mannen op stap waren naar een familieweekend met kookworkshop. Ik merkte dat de rust me echt goed deed en deze week verliep daardoor beduidend relaxter.

Hoogtepunt voor mij was een middagje sauna. Het was echt lang geleden dat ik dat had gedaan. 5 minuten van ons huis is een grote sauna waar het heerlijk toeven is. Dat ik er echt lang niet was geweest was bleek wel uit het feit dat er inmiddels een paar sauna’s bij gebouwd waren. Een daarvan is met zoutstenen en die stenen geven niet alleen warmte af maar stralen ook een heel fijn zacht licht uit. Bovendien is de temperatuur in deze sauna niet zo hoog (60 graden, terwijl in de meeste sauna’s de temperatuur rond de 80-95 graden is) waardoor het voor mij goed vol te houden was.

zoutsteencabine van sauna Suomi, Hoorn, afb. afkomstig van hun site

Later las ik dat dit zoutsteen – uit het Himalayagebergte – trouwens voor van alles en nog wat goed is. De mineralen in het zoutsteen hebben een medicinale werking.  Het is goed voor de stofwisseling, de luchtwegen en de werking van de schildklier. Door de lagere temperatuur kun je er bovendien met gemak een half uur inzitten, zo niet langer. Ik vond het in ieder geval top.

Wat ik bijzonder fijn vond om te merken is dat mijn lichaam nu heel anders reageerde dan pak em beet twee jaar geleden. Toen ging ik ook af en toe naar de sauna omdat de warmte een goed effect had op mijn spierpijnen die ik toen door de ME heel veel had. Ook vond ik het goed om af en toe flink te zweten omdat ik natuurlijk nooit kon sporten. Ik had het idee dat ik zo flink afvalstoffen kon afvoeren. Maar ik kon hooguit 2 tot 3 minuten per keer in de sauna zitten en dat maximaal drie keer. Een saunabezoek was bij mij dan ook snel voorbij. Aan- en uitkleden was erg inspannend en mijn moeder bracht en haalde me soms met de auto, terwijl het hier dus zowat om de hoek is! De dagen na een saunabezoek kon ik niets doen.

Nu merkte ik echt een enorm verschil. Aan- en uitkleden is geen gedoe meer. Ik ging 3 keer in de infraroodsauna (want die spieren zijn weliswaar niet mee zo pijnlijk maar nog steeds wel een issue), een keer in de tulisauna (houtgestookt, dus heerlijk in een vuurtje staren) en een keer in de zoutsteensauna. Al met al was ik zoet van half 2 tot bijna half 6. Ik kon per keer veel langer in de sauna blijven. Ik had twee dagen na het bezoek wel een typische ME-terugslagdag (reageren met vertraging op een inspanning is kenmerkend voor ME) maar ik heb lekker uitgeslapen en veel plat gelegen en toen was het wel weer klaar.

Ook merkte ik vooruitgang aan andere dingen. Ik kon me daar makkelijker ontspannen en vrouwen die luidkeels aan het kletsen waren buitensluiten. Lawaai en prikkels storen me minder. Ik zat op een gegeven moment gewoon heerlijk te mediteren in de zoutsteensauna en wat er om me heen gebeurde boeide me en raakte me niet.

Ik ben er nog lang niet en prikkels buitensluiten in een sauna gaat makkelijker dan prikkels buitensluiten op de markt of in een druk café, maar ik vind het wel heel bemoedigend. Soms vergeet ik waar ik vandaan kom. De slechte dagen van nu zijn de topdagen van een paar jaar geleden. Dat is goed om mezelf voor ogen te houden als ik me eens zielig voel.

Het beviel zo goed dat ik me heb voorgenomen voortaan één keer in de maand een middagje sauna te doen. Ga ik betalen van mijn zakgeld. Als het vakantiegeld dan binnen is, neem ik een 10-badenkaart, dat scheelt aanzienlijk.

Ben jij ook zo dol op de sauna of vind je het helemaal niets?

ps: op mijn eetblog vandaag een opgewekt praatje over poep