Op zoek naar Pippi: wat er allemaal mogelijk is

Wat vooraf ging:
Mijn voornemen voor dit jaar is meer Pippi Langkous in mijn leven. Waarbij Pippi staat voor pret en vooral meer genieten.  Speelsheid ontbreekt volledig in mijn leven waar elke energie-uitgave vooraf gebudgetteerd moet worden. 9 jaar ME heeft mij heel voorzichtig en behoudend gemaakt. Maar ik word er niet beter van. Het gevaar bestaat dat ik namelijk nu alleen de dingen doe die moeten gedaan worden (douchen, koken) en dat dit ten koste gaat van de leuke dingen in het leven. Daar wil ik juist meer van na 9 jaar bankzitten! Door te denken ‘Waar heb ik zin in’ in plaats van ‘wat moet ik doen vandaag’ voel ik een ruimte die ik eerst niet zag. De behoefte die naar boven komt drijven kan soms wel,  soms niet vervuld worden.  Of worden aangepast naar wat wel kan, en dat voldoet ook….
 

De vraag ‘waar heb ik zin in’ leverde telkens weer op dat ik graag Tai Chi wil doen. Ik schreef er vorig jaar al eens over. Jaren geleden heb ik dit twee jaar gedaan en ik vond het heerlijk. Voor die mensen die het niet kennen: Tai Chi is een Chinese bewegingsvorm die ook wel een meditatie in beweging wordt genoemd. Ronde zachte harmonieuze bewegingen die vloeiend in elkaar overgaan, bijna als een dans. Er zijn verschillende vormen en stijlen maar allemaal hebben ze effect op lichaam én geest. Van oorsprong is het gekoppeld aan de vechtsport, een soort verheven boksen of vechten. Meer gericht op goed omgaan met energie en balans. Omdat als dat goed zit, de spierkracht vanzelf volgt. Een echte Tai Chi kenner wordt het waarschijnlijk zwart voor de ogen met deze uitleg maar het gaat even om een beeld schetsen.

Oké, Tai Chi in mijn leven dus. Het plan was al tijden om als ik me iets beter voel aan Tai Chi te gaan doen, ik heb al een docent uitgezocht. Maar me iets beter voelen gebeurt maar niet. En dat is zo tegenstrijdig want ik weet uit ervaring dat het doen van Tai Chi een enorm gunstig effect heeft op lichaam en geest. Maar ik kan niet zomaar de grenzen van mijn lijf negeren, die zijn er wel degelijk en als ik dat forceer, riskeer ik een terugval die weken kan duren. Een gekmakende cirkel dus want om het te kunnen doen moet ik me iets beter voelen en juist als ik het ga doen ga ik me iets beter voelen.  Pippistijl is dan dus gewoon maar beginnen met behulp van Youtube!

Als snel bleek Tai Chi nog echt te hoog is gegrepen voor mijn lichaam. Het is bovendien niet eenvoudig te leren (de kennis die ik had is behoorlijk weggezakt) en de bewegingen zijn soms best ingewikkeld. Over naar een alternatief: Qi Gong. Ook een Chinese bewegingsvorm die ik eerder deed. Is anders dan Tai Chi niet gekoppeld aan vechtsport maar ‘gewoon’ gericht op meer ontspanning en gezondheid en een betere doorstroming van energie. Het is net als Tai Chi een hele langzame bijna gracieuze manier van bewegen. Ook Qi Gong kent allerlei gezondheidsbevorderende effecten. Het is goed voor de motoriek, maakt je bewuster van je ademhaling, kalmeert het zenuwstelsel en nog meer andere dingen die heel fijn zijn. En, belangrijk in dit geval, het is net wat makkelijker te doen voor mij.

Qi Gong dus, lang leve Youtube! Ik doe het nu om de dag, heel rustig aan. Ik doe dan meestal een sessie van 7 minuten maar kan als ik meer aan kan zoeken naar uitgebreidere sessies. Jullie kunnen je wellicht voorstellen hoe blij ik hiermee ben! 

Naast de Qi Gong was er ruimte voor nog meer fijne dingen. Maandagmiddag gingen M. en ik naar de middagvoorstelling van Lion. Een prachtige film die je half jankend achterlaat maar wel enorm de moeite waard. En gisteren maakte ik een wandeling langs het IJsselmeer.


Voor mij is dat eigenlijk iets te hoog gegrepen op dit moment (wegens te ver weg) maar ik heb een tactiek die mijn brein bedot: ik loop langzaam. Zó langzaam dat mijn brein volgens mij niet doorheeft dat ik beweeg ;-).  Ik sta tussentijds veel stil en ben niet zozeer aan het lopen om mijn conditie te verbeteren maar gewoon om daar te zijn. Ik wilde namelijk het kruiende ijs zien. Dat is elk jaar áls er ijs ligt toch weer spectaculair. Ik was net iets te laat, denk dat er dit weekend meer te zien was  maar evengoed was het prachtig. De foto’s van het ijs zijn allemaal jammerlijk mislukt maar de boom komt goed uit vind ik ;-).

Na nu bijna een maand meer Pippi is de conclusie dat dit goed gaat. Ik moet niet zomaar mijn grenzen negeren maar ik merk dat het heel erg uitmaakt hoe ik iets doe. De manier waarop is cruciaal, zoals het bijvoorbeeld het hele langzame lopen om toch ergens te komen. Omdat niet alleen lichamelijke inspanning maar ook leuke dingen doen mij te veel prikkelt met als gevolg een lichamelijke reactie (pijn, niet slapen, moeheid), heb ik wel weer een behandeling opgepakt die goed is voor een overprikkeld brein. Nu vanuit de intentie om meer pret te kunnen hebben en niet zozeer om beter te worden. En die relaxtere invalshoek maakt een wereld van verschil merk ik. Waarover een volgende keer meer!

Advertenties

Fijn!

De vakantie was goed en fijn. Niet in de laatste plaats omdat ik dankzij de B12 injecties wat meer kon doen dan mijn normale routine. Dus gingen we een keer uit eten, speelden Risk en Kolonisten van Catan, hadden familie en vrienden over de vloer op Tweede Kerstdag, togen we naar de haven en gingen daarna ergens een kopje thee drinken. Allemaal dingen die voor veel mensen misschien normaal zijn, er even op uit gaan, buiten zijn, mensen zien, maar voor mij heel bijzonder. En dat ook allemaal terwijl ik bijvoorbeeld vorige week ook dus twee keer naar de huisarts moest voor de B12 injecties, een orthodontistcontrole had en naar het ziekenhuis ging voor een gehoortest. Het kostte me wel wat tijd om mijn brein daar weer van te kalmeren maar dat is me aardig gelukt, Daarover een andere keer meer.

Iets wat me niet is gelukt de afgelopen weken is naar een film gaan die ik heel graag wilde zien. ‘A streetcat named Bob’, naar het boek van James Bowen dat ik las. Het is het verhaal van een exverslaafde straatmuzikant die tegen wil en dank (hij is niet op zoek naar een huisdier) een straatkat adopteert en het raakt me best. Zal vast door het thema komen: de helende werking van de straatkat. Ik kan uit eigen ervaring zeggen dat het adopteren van een straatkat niet alleen voor de kat gunstig is. Maar ik denk overigens niet dat Dibbes en ik succes zouden hebben op straat, als ik daar zou gaan staan met een ukelele. Denk dat Dibbes nog wel bekijks zal hebben – een beetje showman is het wel – maar ik zing zo vals als een kraai en mijn showtalent is wat ondergesneeuwd de laatste jaren.

Afijn, de film dus. Telkens was het plan: morgen gaan we. En dan kwam er iets tussen. Of ik was beroerd of ik kon ineens naar het ziekenhuis voor de gehoortest omdat er een plekje vrij was gekomen. Dat soort dingen. En daar baalde ik wel van, want de film draait hier alleen nog vandaag en morgen.

Dus, jullie voelen hem al aankomen. Ik ga zo lekker naar de film die om 10.15 draait. Waarschijnlijk zit er geen hond buiten een verdwaalde bejaarde en ik, dus ik gok erop dat het een fijne prikkelarme ervaring is.  Ik laat de boel de boel, negeer dat de vaatwasser moet worden uitgeruimd, dat de ontbijtboel er nog staat en dat ik al vier dagen geen was heb gedraaid en er een enorme stapel ligt inmiddels. Doei, ik ben pleite!

Op zoek naar Pippi: stel de juiste vraag (2)

Wat vooraf ging:
Mijn voornemen voor dit jaar is meer Pippi Langkous in mijn leven. Waarbij Pippi staat voor pret, het onverwachte, spontaniteit,genieten.  Als ik kijk naar wat ik nu wel kan gebruiken, dan is het wat sjeu, wat spontaniteit, wat speelsheid. Dat ontbreekt volledig in mijn leven waar elke energie-uitgave vooraf gebudgetteerd moet worden. 9 jaar ME heeft mij heel voorzichtig en behoudend gemaakt. Maar ik word er niet beter van. Het gevaar bestaat dat ik namelijk nu alleen de dingen doe die moeten gedaan worden (douchen, koken) en dat dit ten koste gaat van iets afwijkends. En dat afwijkende, daar wil ik juist meer van!

Eerder legde ik uit waarom. De enorme focus op gezond leven en het zoeken naar meer gezondheid zorgt ervoor dat alles wat ik doe langs een meetlat wordt gelegd. Zorgt het voor meer of minder gezondheid? De behoefte aan wat meer sjeu en laat maar waaien gevoel is hiermee overweldigend groot geworden inmiddels.

Inmiddels heb ik ook wel door dat al mijn goede bedoelingen soms averechts werken. Alles wat ik mezelf tot doel stel, wordt levensgroot in mijn brein en heeft daardoor soms verkeerde gevolgen. Dat zal vast voor sommige lezers herkenbaar zijn. Bij mij werkt dat op verschillende manieren.

  • Als ik iets voornemens ben bijt ik me er soms zó in vast dat ik nog voor ik ben begonnen al op apegapen lig.
  • Ik ben gek op lijstjes maar word er ook heel kinderachtig recalcitrant van. En bestaat het gevaar dat ik het tegenover gestelde ga doen. Dus lekker extra lang heel warm douchen tijdens de cool challenge (ik weet het, het is te triest voor woorden).
  • Ik kan me heel erg enthousiast ergens in verdiepen maar heb ook de aandachtsspanne van een eendagsvlieg. Dat is echt een karaktertrek, ik kan me snel vervelen.

Zo bezien is het een wonder dat ik soms nog iets wel voor elkaar krijg. Dat komt zeker doordat ik ook wel over discipline beschik. Dat heft het bovenstaande soms wel op maar is vooral handig om andere doelen te bereiken, zoals op financieel gebied. Maar iemand die juist behoefte heeft aan ‘meer los dan vast’ heeft niet zoveel aan de eigenschap zich ergens in te willen vastbijten. Het moet juist andersom.

Een ander obstakel – ik denk nu even heerlijk in beperkingen merken jullie het ook – is dat ik natuurlijk wel degelijk enorm beperkt word in wat ik kan. En wát ik kan wisselt per dag. Deze week ging ik op maandag lekker met kind naar de haven en dronk ergens een kopje thee en lag dinsdag en woensdag vooral plat. (waarschijnlijk natuurlijk omdat ik maandag op stap ging).

Over naar het Pippi gevoel. Ik wil meer genieten en pret hebben. Mezelf verwennen,  doen wat me ingeeft, iets doen omdat ik er zin in heb en niet per se omdat het goed voor me is. Cruciaal daarbij is dat ik de juiste vraag aan mezelf stel in de ochtend.

Sinds jaar en dag stel ik mezelf bij het wakker worden de vraag wat er op stapel staat op een dag. De meeste mensen zullen dat doen denk ik zomaar. Ik heb geleerd met behulp van een ergotherapeut dat wat er moet gebeuren zo in te plannen dat ik mezelf niet volledig uitput. Voorheen deed ik bijvoorbeeld alles wat moest en ging ik daarna plat. Nu draai ik het om: ik begin de dag meestal met rusten of ontspanning en af en toe doe ik iets. Op deze manier red ik het makkelijker tot na het avondeten in plaats dan dat ik om 4 uur jankend van uitputting op de bank lig.

Inmiddels is dat wel een tweede natuur geworden. Ik maak nog wel eens een uitglijder maar over het algemeen gaat het goed. Tijd voor een volgende stap. Als ik bij het ontwaken mezelf de vraag stel waar ik zin in heb die dag, dan levert dat een compleet ander gevoel op. Probeer het maar eens, je merkt het zelf ook meteen.

‘Waar heb ik zin in’ denken geeft ruimte. En de behoefte die naar boven komt drijven kan soms wel,  soms niet vervuld worden. Maar vaak kom je wel dichtbij. Zin in de bioscoop kan vertaald worden in ‘met kind op de bank naar een film op Netflix kijken met voor hem een bak chips en voor mij ook wat lekkers’, als het niet lukt om naar de echte bioscoop te gaan. Zin in buiten zijn kan zijn naar de haven fietsen omdat het zo mooi weer is. Maar ook in de tuin gaan staan en even naar de eenden in de sloot kijken als het lijf niet meer aankan dan dat.

Eerst bedenken waar ik zin in heb in plaats van wat er moet, levert andere prioriteiten op en een heel ander gevoel. En dat is alvast een mooi begin, voor een pretplan dat niet teveel een plan moet worden genoemd omdat het anders een averechts effect heeft. En zo gingen kind en ik maandag dus naar de haven van Hoorn, waar ik al heel lang niet meer was geweest. Strak blauwe lucht, zon, echt super.
Zó super dat ik er hyper van werd en tante adrenaline tegenkwam. Die ervoor zorgde dat ik niet kon slapen ’s nachts. Dus hoe ik voorkom dat ik tante adrenaline een volgende keer tegenkom, daarover een volgende keer meer….maar die maandag was in ieder geval super. Het was als ik het langs de Pippi-meetlat leg (o jee toch een meetlat) onverwacht, we hebben gelachen, het was lekker buiten, we maakten als een echte toerist selfies, ik kreeg er een vakantiegevoel van doordat we ook ergens wat dronken en ik voelde me vooral erg levend.

Op zoek naar Pippi – 1

Hoewel een groot deel van de lezers onmiddellijk begreep wat ik bedoelde toen ik schreef dat ik meer Pippi Langkous in mijn leven wil, was het niet iedereen duidelijk wat mijn intenties zijn. Ik kreeg zelfs bezorgde mails dat ik moest uitkijken niet zomaar over mijn grenzen te gaan.

Wat schreef ik? Als ik kijk naar wat ik nu wel kan gebruiken in mijn leven, dan is het wat sjeu, wat spontaniteit, wat speelsheid. Dat ontbreekt volledig in mijn leven waar elke energieuitgave vooraf gebudgetteerd moet worden. 9 jaar ME heeft mij heel voorzichtig en behoudend gemaakt. Maar ik word er niet beter van. Het gevaar bestaat dat ik namelijk nu alleen de dingen doe die moeten gedaan worden (douchen, koken) en dat dit ten koste gaat van iets afwijkends. En dat afwijkende, daar wil ik juist meer van!

Het is zeker niet de bedoeling dat ik op zijn Pippi’s  zomaar een paard ga optillen of op een andere manier mijn fysieke grenzen ga negeren. Want dat is vragen om moeilijkheden en die heb ik op dat vlak al genoeg. Ik kan best eenmalig iets extra’s doen alleen de essentie van ME is dat het herstel van het lichaam niet goed werkt en dat je overal extreem op reageert. Je moet herstellen van activiteiten die voor anderen juist meestal ontspanning opleveren. Van druk praten (iets wat ik heel goed kan) krijg ik bijvoorbeeld spierpijn. Zo ben ik bijvoorbeeld nu nog flink beroerd van het vieren van Tweede Kerstdag met familie en vrienden, ook al genoot ik met volle teugen

Vlasje verwoordde heel mooi waar ik op doel: niet wandelen om conditie op te krikken, maar slenteren omdat het leuk is te kijken naar mensen, dieren, groen, wolken.

Alles in mijn leven heeft momenteel een doel. Ik ben enorm gefocust. Alles gaat langs de meetlat: kost dit energie of levert het energie op? Omdat er zo weinig speelruimte is, gaat eigenlijk alle beschikbare energie naar overleven. Dat klinkt wat dramatisch maar hiermee bedoel ik het verzorgen van en zorgen voor mezelf (persoonlijke hygiëne, eten,). En daar tussendoor gooi ik er een was in en ruim de vaatwasser in en uit. Een of twee keer per week ga ik naar buiten. Momenteel voor een prik in mijn kont maar daarvoor was het meestal voor een boodschap. Dan was ik er even uit.

Meer energie was er niet. Nu komt daar heel langzaam iets verandering in. Onder meer door de B12 injecties maar ook zeker door hoe ik dingen aanpak. Het loslaten van ‘moeten’ is daar essentieel in. Iets hoeft niet altijd nut te hebben of een noodzaak te kennen. Ik wil meer ‘zomaar omdat ik er zin in heb‘ en minder ‘zo moet ik het doen want dit is goed voor mijn gezondheid‘.

Het zal duidelijk zijn dat ik het dus vooral over intenties heb en over manieren waarop je iets kunt invullen en niet zozeer over activiteiten als bungeejumpen. Ook suffe dingen kun je spannend maken. Pannenkoeken bakken kun je op twee manieren doen:  zoals het hoort en op zijn Pippi’s en alles door de keuken laten vliegen.

Heel leuk trouwens dat het verlangen naar meer pret door zoveel lezers wordt herkend. Ik ben niet de enige natuurlijk die vast zit in een keurslijf. Bij mij wordt dat vooral bepaald door ziekte (maar ook zeker aanleg en karakter), bij een ander door andere omstandigheden. Iedereen is op zijn manier aan het overleven en kan wel eens wat meer sjeu gebruiken.

Hoe ik dat in de praktijk ga brengen? Ja, dat is de vraag. Ik heb daar nog geen antwoord op maar er zal vast iets naar boven komen drijven. Tot die tijd houd ik mezelf maar voor: minder Annika, meer Pippi.

Loslaten, de comfortzone en hoe nu verder

Vorig jaar heb ik op verschillende gebieden mijn nogal krampachtige dwangmatige neiging om alles te willen controleren losgelaten. Althans, ik heb mezelf wat meer ruimte gegund. Voor een ander zal ik nog heel dwangmatig zijn maar voor mezelf heb ik inmiddels het gevoel dat ik zweef.

En dat is prima. Mijn jaarmotto was (van Vlasje geleend): Is dat zo? En dat bleek toepasbaar op vele vlakken. Door die vraag te pas en te onpas aan mezelf te stellen, kwamen veel dingen die ik al langer deed op losse schroeven te staan. Ik ben veel makkelijker geworden, vooral voor mezelf. Ik hoef niet meer de beste versie van mezelf te zijn, de meest gelezen blogger, de ME-patiënt die het beste kan vertellen wat ME inhoudt, ik hoef niet 24 uur per dag alleen maar verantwoord te eten en interessante dingen te lezen, ik mag iets best wel overboord gooien als het goed is voor de gezondheid maar blijkbaar mijn manische geest te veel stimuleert. Ik ga niet dood van een beetje suiker, weet ik nu ;-).

Tegelijk met dit jaarmotto wist lezer Mark mij te prikkelen ook op financieel gebied meer los te laten. Ik stopte met de reserveringsrekening voor periodieke uitgaven, bracht het aantal spaarpotten terug naar een behapbaar aantal en nam mezelf voor gewoon te gaan betalen wat er betaald moest worden en wat er overbleef zou worden gespaard of voor de aflossing gebruikt. Vaste budgetten voor variabele uitgaven werden geschrapt. Wat ik niet wilde veranderen was het stellen van doelen.

We zijn nu bijna een jaar verder en het is misschien leuk om terug te kijken op hoe dat was en hoe ik nu verder wil gaan.

Het ging prima. Ja dat was het eigenlijk wel. Ik bleek het helemaal niet zo moeilijk te vinden om los te laten. Het gaf ruimte. In mijn hoofd. Niet op geldgebied. Ik werd namelijk wel wat losser. Dit jaar haalden we niet ons aflosdoel. Blijkbaar haal ik een doel makkelijk als ik tijdens de rit ernaar toe strenger de vinger aan de pols houd. Ook wisselde ik nogal eens van doel. Op driekwart van het jaar bedachten we dat we gingen sparen voor een dakkapel en werd het aflossen even geparkeerd.

Is het erg dat we ons aflosdoel niet haalden? Neuh. Net als dat het niet erg is dat we van doel wisselden. Waar het omgaat is dat we niet ineens met geld gingen smijten en dat we aan het eind van 2016 (voor ons is het boekhoudkundige 2017 al begonnen) kunnen zeggen dat we minder uitgaven dan dat er binnenkwam. Dat het geld dát werd uitgegeven goed besteed was. Aan aflossingen, aan verbeteringen aan het huis en aan pret.

Belangrijkste kantelpunt dit jaar was dat ik vaker kies voor gemak in plaats van voor consuminderen. Ik hoef niet langer van mezelf de thermostaat op 17 graden te zetten om geld te besparen. Dat mag iemand doen die lekker actief is in huis, veel heen en weer loopt. Ik lig een groot deel van de dag op de bank onder een deken, 19 graden is prima voor mij. En ik hoef niet naar 4 winkels te gaan om alle boodschappen voordelig in te slaan. Ik laat nu alles een keer per week gewoon afleveren. Vrijwel alles komt nu bij een winkel vandaan en ik vind het prima zo.

Dit komt natuurlijk niet uit de lucht vallen maar is een optelsom van een proces wat al jaren aan de gang is en dit jaar echt begon ‘in te nestelen’.Eigenlijk komt het erop neer dat ik na bijna 9 jaar ziek zijn voor het eerst echt heb gekozen voor mezelf en voor gemak. Al dat moeten wordt steeds meer de laan uit gestuurd. Natuurlijk zijn er wensen en verlangens, maar ik hoef niet langer van mezelf continu op zoek naar die ene behandeling om te genezen van ME. Als die behandeling bestaat, zal hij vast wel op mijn pad komen. Maar ik kies ervoor om voor nu niets meer te ondernemen behalve de dingen die ik nu al doe (mijn brein zo kalm mogelijk houden, niet meer energie uitgeven dan ik heb en twee keer per week een B12 spuit) en verder gewoon te leven. Te genieten van wat kan en wat lukt. En niet te veel stil te staan bij wat niet lukt.

Is een nieuw motto handig voor het nieuwe jaar? Ik denk het wel, want ik heb wel gemerkt dat het doorwerkt in hoe ik dingen aanpak. Als ik kijk naar wat ik nu wel kan gebruiken in mijn leven, dan is het wat sjeu, wat spontaniteit, wat speelsheid. Dat ontbreekt volledig in mijn leven waar elke energieuitgave vooraf gebudgetteerd moet worden. 9 jaar ME heeft mij heel voorzichtig en behoudend gemaakt. Maar ik word er niet beter van. Het gevaar bestaat dat ik namelijk nu alleen de dingen doe die moeten gedaan worden (douchen, koken) en dat dit ten koste gaat van iets afwijkends. En dat afwijkende, daar wil ik juist meer van! Ik wil vaker naar de film, of uit eten kunnen gaan of naar het strand of mijn vriendinnen zien. Dus ik ga op zoek naar meer Pippi Langkous in mijn leven.  En dan bedoel ik niet dat ik overal maar ja op ga zeggen, als mensen iets voorstellen of willen langskomen, maar dat ik zelf voel en kies wat ik met mijn energie ga doen en sociale druk negeer.

Wie kan er nog meer wat extra van Pippi in het leven gebruiken? Doen jullie mee?